Een welgemeende dankuwel

Na anderhalve maand reizen, nemen we afscheid van onze eerste grote bestemming. We verlaten het ene sprookje om naar het volgende te vliegen. Zes maanden reizen is magisch, a dream come true. 

De reacties die we hier krijgen, zijn vaak erg positief. Ook heel erg vaak krijgen we een ‘I wish I could do that‘. Dat we zes maanden het Belgische leven achter ons laten, is in mijn ogen niet zozeer onze eigen verdienste. Het is een schakel van welgemeende dankjewels. Bij lang reizen – en zes maanden is niet eens zo lang – wordt er vaak gefocust op wat de reizigers zelf achterlieten en opofferden. Terwijl wij het makkelijke deel van de lasten voor ons nemen.

Dankjewel aan mijn familie – en dan vooral mijn ouders en broer – om mij ondanks de niet zo voor de hand liggende omstandigheden thuis zonder te veel gemor te laten vertrekken om mijn droom te beleven en thuis voor elkaar te zorgen.

Dankjewel aan mijn ‘schoon’familie om hetzelfde te doen, een dak boven ons hoofd te voorzien. Om te zorgen voor onze twee katten die – om het zacht uit te drukken – nogal wat kuren kunnen vertonen. De ene met een chronisch gebrek aan aandacht, de andere met een panische angst voor gesloten deuren.

Dankjewel aan mijn vrienden, om me goesting te geven om te reizen. Om me te tonen dat ik gerust uit mijn comfort zone kan stappen. En om mijn dramalama vrij te laten rondlopen.

Dankjewel aan mijn werkgever en collega’s. Om me terug te verwelkomen in 2018 en om intussentijd de berg werk die ik achterliet zonder mij te beklimmen.

Dankjewel aan mijn ex-collega’s. Jullie waren één van de eerste aan wie ik mijn droom vertelde, jullie namen het zaadje en zorgden er wonderwel voor.

Dankjewel aan zo veel mensen om een deel te zijn van de mooiste momenten van de afgelopen weken.

(Ah ja, jullie dachten toch niet dat ik een blogpost ging schrijven zonder paradijselijke foto’s, zeker?)

received_10155057651078932.jpeg

Singapore, where everything started.

received_10155082689558932

Outback Australia: zot veel vliegen, zot schone zonsondergangen

IMG_20171019_224930_012

Great Ocean Road: een toeristische trekpleister waar je toch nog makkelijk alleen kan zijn

IMG_20171021_212446_973_1

Wildlife spotten, met als hoogtepunt de zoektocht naar de koala’s

IMG_20171023_190352_265_1.jpg

Street art hunting

IMG_20171027_205942_061_2

Aan dramatische kustlijnen ontbreekt het niet

IMG_20171104_212127_791_1

Sydney

IMG_20171104_211505_973_1

Ruw, ruig en verslavend mooi

IMG_20171104_211540_029_1

Elke rots herbergt leven

IMG_20171110_195847_490_1

Fraser Island: niet alleen meren en 4WD

IMG_20171116_174225_843_1

Meest luxueuze lift ooit

IMG_20171116_174126_105_1

Om van te bleiten, zo schoon

IMG_20171116_175413_855_1

Kleine drop-off in het Great Barrier Reef Marine Park

IMG_20171121_080138_943_1

The real Australian life: over hekken klimmen en verkoeling zoeken in de waterval

IMG_20171121_081131_641_1

De not so real Australian life: zwemmen waar het mag

IMG_20171119_083439_215_1

Beetje regenwoud, beetje uitzicht

IMG_20171121_080925_400_1

Daintree Rainforest

44 Dagen met Gerry, de review

Zeven weken in Australïë, hoe anders kan je dat verkennen, dan met de camper? Ik herinner me nog goed hoe we wekenlang verschillende verhuurbedrijven met elkaar vergeleken en er maar niet uit geraakten: gingen we nu voor goedkoper, of toch voor comfortabeler (in de mate van het mogelijke uiteraard, ik ben nog steeds bijna 2 meter lang). De opties zijn enorm, het aantal bedrijven eindeloos.

Uiteindelijk kozen we voor Mighty Campers (de naam alleen al), boeken deden we via het reisagentschap dat mensen connecteert, ze hebben daar goede verkopers in het kantoor van Leuven. Deze Mighty was een Toyota-busje met frigo, keukentje, een klein bed voor 2 en een tablet met GPS en WiFi functie. We kozen dus niet voor een tent (naast of op de wagen – alles is mogelijk), een ‘Spaceship’ (een omgebouwde monovolume) of hipster/hippiebus met schunnige opschriften (sommige opschriften waren achteraf zelfs afgeplakt op de wagen omdat ze blijkbaar voor te veel commotie zorgden).

Aandachtige mensen merken nu vast op dat we al 700 foto’s van onze camper gepost hebben en dat daar altijd maar weer Britz op stond en niet Mighy. Mighty is het kleine broertje van Britz (dat op zich ook weer het kleine broertje van Maui is). Britz had dus net zijn wagenpark gedegradeerd, maar nog niet gerebrand. Onvoorzien voordeel voor ons: een langer bed (2 meter), meer opbergruimte en een automatische versnellingsbak. Na een korte rondleiding in en rond de wagen kon ons avontuur beginnen. Klaar voor ‘slechts’ 8.000 kilometer plezier en vertier. (Nvdr: het werden er 10.952)

Dus, 43 nachten later, wat onthouden we van ons avontuur? (even voor alle duidelijkheid, onze kampeerervaring beperkt zich tot de festivalzomer en die ene dubieuze kamping in Salzburg, nu ongeveer een jaar of 8 geleden).

  • Avond: lekker gezellig! Stoeltje buiten, camperlichtje aan, beetje lezen. Samen met ongeveer 3 miljoen vliegen. Krijg die maar eens buiten op het moment wanneer je effectief wil gaan slapen. Dit was vooral gelinkt aan de bosachtige omgeving en de verschrikkelijk hoge temperatuur die de camper dan ook nog eens in een zweethut veranderde.
  • Kamperen bij 35°c is niet gezellig. Op die momenten wensten we toch dat we voor een Maui met airco gegaan waren. Dat kon ons budget echter niet aan (nog eens x2) en kom, wij zijn toch avonturiers zeker! Gelukkig daalden de temperaturen naarmate we naar het zuiden reden. Tot op het punt waar je je afvraagt of je wel echt in Australië bent (een week lang 15-17°c).
  • WikiCamps Australië: de App met daarop alle kampeerplaatsen van klein tot groot inclusief reviews en prijzen. De App zelf kost een paar euro, heeft daarna zijn nut zeker bewezen. Enkel zorgen dat je af en toe ergens WiFi hebt zodat je deze comments/reviews kan inladen en je bent vertrokken. Aanrader.
  • De ongelooflijke vrijheid: Ok, in stadskernen moet je niet komen met zo’n gevaarte, daar val je een beetje op en kan je zelden gemakkelijk parkeren. Voor de rest bepaal je uiteraard zelf waar je stopt. Wij reden hier rond in het laagseizoen en er was altijd wel ergens een plaatsje voor onze Gerry (ja, wij geven alles namen).
  • De behulpzaamheid van de Britz-mensen. We stopten in elke grote stad voor een ‘linnen-change’. Alle handdoeken, lakens, kussens, donsdeken, … werd vervangen. Bij onze eerste stop in Alice Springs werden we ook voorzien van een gordijn aan de linkerkant van de wagen, dat ontbrak simpelweg. Bizar.
  • Misschien hadden we wel een week of 2 extra moeten rekenen. Darwin – Melbourne – Sydney – Cairns op zeven weken, de Australiërs verklaren ons gek, mission accomplished! Het is natuurlijk wel een straf verhaal om te vertellen in de campingkeuken tegen de andere toeristen. “Wij hebben al wel 1.000 kilometer gereden!” (2 Nederlandse vrouwen). “Wij komen uit Darwin” (daar ongeveer 4.500 kilometer vandaan). “…” (De om het verste rijden met een camper competitie hebben we altijd gewonnen).
  • Punt van onderschatting: De prijs om onze Gerry op de baan te houden + overnachting. Je hebt dan wel je eigen slaapplaats mee, maar dat wil niet zeggen dat je zomaar overal mag kamperen. Reken nog eens tussen de 25 en de 50 Australische Dollar extra per nacht (1 AUD = ongeveer 0,66 Euro). Je kan ook opteren voor de gratis kampeerplaatsen, maar daar zijn quasi nooit douches en soms zelfs geen toiletten. Het is een keuze die je maakt uiteraard. Daarnaast lustte onze Gerry ook wel aardig wat litertjes Unleaded Fuel. Met zijn 11 à 12 liter per 100 kilometer dronk hij toch iets meer dan voorzien. Prijzen variëren enorm. Wij tankten aan prijzen tussen 1,18 AUD (Darwin) en 2,20 AUD (Kings Canyon, waar er helaas weinig keuze is en dit uitgebuit wordt. Daar zijn de campings ook het duurst).
  • Het kamperen zelf was best wel leuk. Over het algemeen werden de campings goed onderhouden en bevolkt door veeleer Australische toeristen. Deze waren gemakkelijk te onderscheiden van de Europese, aangezien hun camper meestal 3 keer zo groot was. Overal campingbarbecue-toestellen, microgolfovens en bij momenten zelfs eens een echte oven. Napraten kon je in de game room, met Arcade game consoles die de jaren 80 nog meegemaakt hadden. Op warme locaties was het altijd leuk een zwembad naast de camper te hebben.

Zouden we het opnieuw doen zoals we het nu gedaan hebben? Waarschijnlijk wel.

We konden natuurlijk ook gewoon een wagen gehuurd hebben en steeds op zoek gegaan zijn  naar goedkope hostels/motels/hotels. Veel van de campings hadden ook cabins. Een auto verbruikt minder en kost qua huur veel minder dan een camper, maar je verliest wel de charme van het kamperen mee natuurlijk.

Dus ja, we hadden het vermoedelijk wel goedkoper kunnen doen, maar we zouden Gerry oneer aandoen moesten we zeggen dat we ons niet geamuseerd hebben.

We miss you already Gerry!

Komaan Britz, waar zijn die flappen?

20171120_094238

 

 

 

 

 

Goodbye Australia

Vandaag stappen we in het vliegtuig richting Indonesië. Tijd om terug te blikken op onze laatste week in Australië. Eén ding is zeker: we missen onze campervan nu al. Wie had gedacht dat een romance die zo slecht begon (link naar eerste blogpost Australië), zo mooi zou eindigen? Gerry, you the real MVP.

IMG_20171012_172646_957

We brachten onze laatste dagen op Australische bodem door in de Wet Tropics. Dit is één grote UNESCO site, want het regenwoud is werelderfgoed. Hoewel het maar een fractie van Australië bedekt, is het hier dat je de meeste plant- en diersoorten vindt. En dan gooien ze er nog een schep bovenop, want in Cape Tribulation komen twee UNESCO sites samen: het regenwoud en het Great Barrier Reef. Je kan niet genoeg overweldigende natuur in een land proppen, zal het universum gedacht hebben.

IMG_20171121_080542_186IMG_20171121_080441_126IMG_20171121_080656_267

Dit paradijs op aard komt met veel kleine lettertjes. Of in realiteit: gigantische waarschuwingsborden. Het regenwoud is beschermer van heel wat diersoorten, zoals de krokodil. Het water is dan weer de gastheer van dodelijke kwallen. Na een dag zweten, is het dus zoeken naar swimming holes die enkel ongevaarlijke visjes huisvesten.

IMG_20171117_202914_677IMG_20171117_184828_633

 

En dan heb je nog Cairns. Ik verwonder me altijd over jonge steden. Zo anders dan Europa. Een stad die op het eerste zicht zo commercieel lijkt en dan toch plots pareltjes tevoorschijn tovert.

IMG_20171121_080210_148IMG_20171121_080339_605
IMG_20171121_080034_325

Het strand van Cairns bij laag tij: een zee van Mud Crabs

Het doet een beetje pijn om dit paradijs achter te laten. Het gras lijkt blijkbaar toch niet altijd groener aan de overkant. Maar daar denken we over enkele weken misschien al helemaal anders over.

Bloed, zweet, tranen: Het Groot Barrièrerif

Eén van de redenen waarom ik naar Australië wou reizen, is het Groot Barrièrerif. Ik heb in mijn leven enkele obsessies opgebouwd. Zoals jullie weten gaat het hier om:

  • Eten, in allerlei vormen
  • Katten, in allerlei vormen
  • Dinosaurussen, in allerlei vormen
  • Haaien en zeewezens, in allerlei vormen

Het Groot Barrièrerif smaakt vreselijk, telt bijzonder weinig katten en bevat enkel nog de laatste overlevende dinosaurussen (bah, vogels), maar daar heb je weinig aan. Het rif huisvest wel een ruime variëteit aan levende zeewezens: koraal, vissen en ongetwijfeld – maar niet waargenomen (spoiler alert!) – haaien.

We kozen ervoor om het rif op twee manieren te bezichtigen: één keer per zeilboot en één keer per watervliegtuig. Kwestie van even decadent ons geld overboord te gooien. De basis: Airlie Beach, vlakbij de Whitsunday eilanden. Deze zijn in maart getroffen door een zware cycloon en de plaatselijke middenstand ondervindt hier nog steeds de gevolgen van: huizen raken niet gerepareerd, veel Australiërs blijken op straat te wonen en ook het rif is getroffen door de cycloon. Het geld dat overboord gegooid wordt, komt dan hopelijk toch iets ten goede.

IMG_20171116_174225_843IMG_20171116_173905_636

Wat kost het nu exact om het Great Barrier Reef te bezoeken, per watervliegtuig? Aan de gemiddelde bezoekers kost dit voornamelijk tonnen geld. Aan mezelf kost dit bloed, zweet en tranen… en oh ja, ook diezelfde tonnen geld.

Stap 1: Zweet

 IMG_20171116_180231_287

Het begint allemaal met het zweet. Eerst omdat het letterlijk warm is, later omdat het figuurlijk warm wordt: angstzweet. Ondanks het vele reizen is, gaat de vliegangst er moeilijk uit. Wanneer het kleine amfibievliegtuig voor het eerst van de grond gaat, hangen de zweetparels op mijn voorhoofd. In ruil krijg ik wel een prachtig uitzicht over de Whitsunday eilanden.

IMG_20171116_174153_625

Deze stap gaat razendsnel over in de tweede stap: tranen.

Stap 2: Tranen

De eerste stop van het watervliegtuig is het grootste eiland van de Whitsunday-eilandengroep: Whitsunday. Erg origineel met hun benamingen zijn ze hier niet. Het vliegtuig doet hier een waterlanding. Van de waterlanding weet ik nog dat Jonas zijn vingers gevaarlijk paars begonnen kleuren, tussen mijn vingers. Vervolgens liepen er wat tranen vanachter mijn gigantische zonnebrilglazen. Elegant en geruisloos bang zijn: ik heb de kunst volledig onder de knie.

IMG_20171116_173807_322

Alle wrevel was echter snel vergeten, want op Whitehaven Beach – het mooiste strand ter wereld – kregen we een ‘lunchpakket’ dat volledig op mijn lijf was geschreven. Het soort lunchpakket dat je als kind altijd al wou maken, maar dat je als volwassene niet kunt maken, want sociale druk: een zakje chips, een muffin en een koekje. SCORE! Menig Tripadvisor review zal argumenteren dat we voor de bakken geld die we geven een voedzamer lunchpakket hadden kunnen krijgen. Mijn review zal argumenteren dat deze ingrediënten ideaal zijn voor de gemiddelde stress-eter, na een waterlanding.

IMG_20171116_174251_413

Tijdens de lunch kregen we bezoek

IMG_20171116_174000_495 IMG_20171116_174619_637

Stap 3: Bloed

En dan de laatste stap: bloed. Heb je in het begin ook gelezen dat het Great Barrier Reef niet goed smaakt? Dat heb ik alleen geschreven, omdat ik het proefondervindelijk getest heb. Zodat jullie het niet moeten doen natuurlijk.

IMG_20171116_175944_579

Na alweer een waterlanding ging ik even sierlijk en professioneel snorkelen. Ik keek naar de twee kapiteinen met een blik die hen duidelijk maakte dat ik – na welgeteld al één dag gesnorkeld te hebben – de volgende Wereldkampioene Snorkelen was. Stinger suit aan (rits vanvoor), zwemvinnen aan (met truucje om de achterkanten om te plooien) en duikbril op (met het truucje om eerst in te ademen door de neus om te zien of het een goeie fit is).

Na enkele meters zwemmen begon de duikbril bij mijn neus volledig vol te lopen. ‘Don’t care‘, dacht ik, ademen moest ik immers toch via de snorkel. Er liep een klein beetje water bij mijn ogen. ‘Ik ga wel even naar het wateroppervlak om de bril uit te kappen‘, dacht ik bij mezelf. Wat volgde was een erg vreemde verdrinkingsscène waarbij de elegante zeekoe die ik eerder was, vervangen werd door een letterlijke koe in de zee. Bij het bovenkomen hadden mijn hersenen het fantastische idee om mij te laten inademen door mijn neus. Die zat nog steeds in de bril vol water. Water kan je niet inademen en die fantastische hersenen van mij gaven dan maar het signaal om door mijn mond te ademen – als de neus niet ging. De mond ging ook niet echt, want daar moest ik hoesten van al het ingeademde water. Na dit proces verschillende keren te herhalen, besliste ik dan maar de aftocht te blazen en aan te spoelen bij de kapiteins. Daar vroeg ik met het nodige gevoel voor dramatiek een andere bril.

Die bril zat perfect. De ademhaling die zat wat minder perfect: een uur heb ik al hoestend het rif rondgezwommen. Leuk weetje: je kan al hoestend snorkelen. Ook een leuk weetje: als je via je neus zoutwater ademt dan krijg je een bloedneus. Of ik heb volledig toevallig mijn eerste bloedneus ooit gekregen na het snorkelen en ik zoek gewoon een zondebok. Dat kan ook.

Alleszins: ongeacht het potsierlijk verzuipen, ben ik nog altijd van één ding overtuigd: ik hoor thuis in het water. Ik moet alleen wat meer mijn innerlijke zeekoe chanellen en wat minder het onhandige kalf dat ik werkelijk ben. Opgeven zal ik alleszins nooit doen, want het Groot Barrièrerif is mooier dan alles wat ik al ooit boven de grond zag.

IMG_20171116_175207_088IMG_20171116_185006_728IMG_20171116_184450_815IMG_20171116_175207_088IMG_20171116_175710_447IMG_20171116_175442_612IMG_20171116_175559_337IMG_20171116_180117_732IMG_20171116_175413_855

Inburgeren in Australië

Als ik op reis ga, probeer ik zo snel mogelijk in te burgeren. Ik steek vol vertrouwen straten over die ik nooit eerder zag, ik bespioneer alle locals en probeer hun trekjes over te nemen. De missie is pas geslaagd zodra ik een vraag krijg die alleen locals krijgen: ‘Do you know where X is‘.

Eerlijkheidshalve: dat punt zal in Australië allicht nooit bereikt worden. Het inburgeren lukt voorlopig niet zo goed. Even enkele verschilpunten op een rij:

1. Tanning on the beach

Hoe Australiërs het doen: Ze sporten op het strand: surfen, zwemmen, lopen, volleybal. Of ze zijn helemaal chill en liggen een dag te zonnekloppen op het strand. Hoedanook: Ze komen perfect egaal gebruind terug.

Hoe Anneke het doet: Na meer dan een maand Australië heb ik twee bruine armen en that’s it. Ik besluit te doen wat ik nog nooit eerder succesvol heb gedaan: chillaxen. Ik leg me – na me ingesmeerd te hebben met zonnecrème uiteraard – op een handdoek en neem me voor 30 minuten niets te doen. Zodra ik denk dat de dertig minuten voorbij zijn, vraag ik hoopvol aan Jonas hoeveel tijd er gepasseerd is. Vijf minuten. Er wordt zo consistent zand over mij geblazen dat ik me een zandkasteel voel. Na een kwartier geef ik het op, zet ik me recht en lees ik. Nog een kwartier later geef ik het volledig op en gaan we dingen doen. Ik denk nog spierwit te zijn. Na inspectie ‘s avonds in de dus blijk ik toch kleur te hebben: rood, wit, rood. Lesson learned: vetrollen bruinen niet. Daarom ligt iedereen dus plat.

IMG_20171104_212450_173_1 IMG_20171110_172835_015 IMG_20171110_172507_724

 

2. Getting the perfect beach body

Hoe Australiërs het doen: Zie hierboven: sport. Na een niet-wetenschappelijke steekproef concludeer ik dat het lichaam van de gemiddelde Australiër bestaat uit 10% vetmassa en 90% spiermassa.

Hoe Anneke het doet: Na een niet-wetenschappelijke steekproef concludeer ik dat mijn lichaam bestaat uit 10% spiermassa en 90% roomijs.

20171110_114820

3. Walking on sand

Hoe Australiërs het doen: Zij het een strand, een duin of een blow-out: Australiërs lopen erdoor zoals een mes een taart snijdt in een reclamespot. Smooth.

Hoe Anneke het doet: Ik loop door het zand zoals een mes een taart snijdt in het echt: De eerste seconden lijkt alles goed te verlopen, dan valt alles in duizend stukken uit elkaar.

IMG_20171112_210526_990IMG_20171112_210714_471IMG_20171112_210820_747

 

4. Hiking through woods

Hoe Australiërs het doen: Zij sprayen zich in met insect repellent en lopen vervolgens door het bos.

Hoe Anneke het doet: Ik spray mij vol met insect repellent, loop vervolgens door het bos, begin als een maniak insecten aan te trekken en te doden en kom met meer dan 100 muggenbeten het bos uit. Dit laatste is jammer genoeg geen hyperbool.

IMG_20171112_211939_085.jpg

5. Camping

Hoe Australiërs het doen: Barbecue, tonnen vlees, gekoelde drank, tenten bovenop 4wd auto’s en dan maar chillen tot middernacht.

Hoe Anneke het doet: Krabben, krabben, krabben, proberen niet te krabben, toch krabben, meer krabben en zo snel mogelijk met alle ramen gesloten in de campervan zitten zodra de zon zakt.

IMG_20171114_202440_954

6. Couples photos 

Hoe Australiërs het doen: Ze vragen aan voorbijgangers om een foto te nemen of ze nemen zelf een couplefy.

Hoe Anneke het doet: Ze geeft de Go Pro aan Jonas, die er vervolgens mee in het water speelt en eindigt met een bijzondere reeks foto’s.

IMG_20171112_210933_930 IMG_20171114_201521_383IMG_20171114_201553_652

Sand Dunes met Bruce

Port Stephens is bekend omwille van zijn gigantische duinen (grootste van het zuidelijk halfrond). Ze zijn steeds in ‘beweging’ en een bezoek aan Port Stephens is niet compleet als je niet even in het zand bent gaan spelen.

Na wat over en weer gemail en gebel, bemachtigen we twee plaatsjes in de 4WD van Bruce, die al jarenlang deze tours organiseert samen met zijn vrouw. Enige nadeel: de tour start om 10.00 in Port Stephens en wij zitten in Sydney, op ongeveer 2,5 uur rijden. Gezien wij beide autistische trekjes hebben betekende dat dus opstaan om 5 uur.

Zo gezegd, zo gedaan. Je kan al raden wie er anderhalf uur te vroeg bij de afgesproken plek was (hint: Britz Campervan, 2 Belgen).

IMG_20171104_210940_679

Bruce was volgens de Tripadvisor-resultaten een top entertainer. Geen enkele negatieve review. Dat kom je niet snel tegen. Bij ons bleek dat niet anders te zijn.

Samen met nog twee andere koppels die hun eigen 4WD meegebracht hadden (Volkswagen Amarok en Toyota Prado, van die grote beesten) konden we aan ons avontuur beginnen. Wat anders doen dan eerst die banden eens goed leeg te laten lopen? Rijden op los zand is gemakkelijker als er wat minder druk op de banden staat: eerste les geleerd.

Eindelijk konden we dan doen waar we al weken gewacht op hadden: OFF ROAD! Onderweg naar het eerste strandje legde Bruce alles uit wat we dienden te weten over het rijden met een 4WD, de ongeschreven regels tussen 4WD-bestuurders en alle beestjes, groot en klein, die we konden vinden in de bossen rondom ons. Bruce bleek niet alleen rondjes te rijden met zijn 4WD, hij had ook nog een groot hart voor het wildlife. Bij hem thuis was het een halve dierentuin als we de foto’s mochten geloven.

En dan allemaal op weg naar de zandduinen zelf. De spanning steeg, zeker ter hoogte van de Volkswagen en de Toyota. Hier konden ze zich bewijzen aan vrouw en kind (al zal “Bubba” van een maand of 9 er niet veel van begrepen hebben, vrees ik) en ja, ook een beetje aan elkaar. Wij reden mee met Bruce en zaten safe. De duinen waren gigantisch, veel groter dan verwacht. Bruce, die er duidelijk heel veel plezier in had –  “Look, no hands!” – stippelde de weg uit, de anderen volgden. Laat ons stellen dat het geen platte paadjes waren.

IMG_20171104_213811_847IMG_20171104_213811_855

Om een beetje karmapunten te verdienen, trok ik ook wat foto’s van onze medeavonturiers terwijl ze hun rondjes reden. De resultaten liegen er niet op. Even leken we verzeild te zijn in een Volkswagen/Toyota promoshoot en tegelijk konden we de ego’s van Mark (Volkwagen 4ever!) en Shaf (Toyota “Can I go again Bruce?”) nog wat opkrikken.

Het moest er uiteindelijk eens van komen (en drie keer in totaal): Auto + Zacht zand + Onervaren bestuurder = Dolle pret voor Bruce en een wijze les: hoe geraken we in hemelsnaam terug los? Het antwoord: Kalmte + Common sense + Zand scheppen.

Sandboarden zat er helaas niet meer in. Het begon steeds harder te regenen en echt gezellig was dat niet. We namen afscheid van onze nieuwe 4WD-vrienden met de belofte om de foto’s door te sturen. Dat vonden ze allemaal Great en Fantastic!

IMG_20171104_211157_068IMG_20171104_213811_852

Job well done Bruce! (en het Tripadvisor verslag krijgt 5 sterren!)

72 uur in Sydney

Onze 72 uur in Sydney begon fantastisch: voor we Sydney binnen reden, spendeerden we een halve dag in het Royal National Park. Het tweede oudste nationaal park ter wereld (numero uno: Yellowstone NP in USA). We maakten een wandeling naar Eagle Rock en wauw: wat een uitzichten, wat een rock pools en wat een kustlijn. Ook mooi meegenomen: de strandjes en rock pools waren voor ons alleen. Minder mooi meegenomen: geen zwemgerief mee én de temperatuur lag behoorlijk laag.

IMG_20171031_211736_692 received_10155134155508932received_10155134155568932

Jonas had tijdens deze wandeling opnieuw heel wat vriendjes. Het hoogtepunt van de vriendschappelijkheid werd bereikt toen er veertig vliegen op hem zaten. Ik strandde op de tweede plaats in deze vriendschapswedstrijd en had slechts zes vriendjes. Ik probeer het niet persoonlijk te nemen.

received_10155134147838932

Een dag later begon het citytrippen – de vriendjes lieten we (grotendeels) achter. Op de eerste citytripdag werden we een beetje cuurrraaazzyyy en bleven we wandelen. Een ochtendwandeling met Free Walking Tours, een klim naar boven de brug vlak na de middag, een wandeling in de haven, een avondwandeling met Free Walking Tours door de Rocks en dan toch ook nog even naar het lichtspektakel kijken bij het Sydney Opera House.

IMG_20171103_173617_002IMG_20171103_173643_004IMG_20171103_173722_178

Hoogtepunt van dit alles: de commentaar van één van de deelnemers aan de Free Walking Tour door de Rocks. Na een klein uurtje slenteren ging het zo: ‘There’s a lot of walking on this tour‘. Opgepast dus bij de volgende wandeltour waar je je bij aanmeldt: er bestaat een risico dat je gaat moeten wandelen.

Tweede hoogtepunt: Frankie’s Pizza. Nietsvermoedend volgden we de tip van de tour guide om goedkoop overheerlijke pizza te eten. Ik zeg nooit ‘nee’ tegen overheerlijke pizza. Wel een beetje vreemd was die buitenwipper die bij de pizzeria stond. Maar ik kon me er nog wel iets bij voorstellen: gevechten om pizza slices; ik heb het zelf al vaak overwogen. En dus wandelden we nietsvermoedend een rockbar binnen. Geweldige muziek, fantastische pizza’s – weinig licht, beetje gehoorschade. Je moet iets over hebben voor je eten.

IMG_20171103_173220_018

 

Dag twee focussen we ons op de stranden: we wandelen de Bondi to Coogee Coastal Walk en genieten van het Sculptures by the Sea Festival. Hoogtepunten van de wandeling: de vele mooie zwembaden langs de kust en enkele toppers van kunstwerken. Gespot: twee oudere hippie-vrouwen die niets liever deden dan elk kunstwerk beklimmen. Dieptepunt: we hadden ons zwemgerief wéér niet mee. Flaters!

IMG_20171102_225120_822IMG_20171102_235411_479IMG_20171103_174009_537IMG_20171103_174433_239IMG_20171103_174709_724IMG_20171102_235213_052IMG_20171103_181151_092IMG_20171102_235017_038IMG_20171103_181312_273IMG_20171103_173938_336

Dag drie: de focus ligt op dat wat we al wekenlang fout doen in Australië: géén zwemgerief meenemen. Gepakt en gezakt trekken we dus met de ferry naar Manly Beach met één missie: zwemmen. Bij aankomst treffen we een soort Blankenberge à la Australië. En wat spot het oog? Een hele reeks geplaatste bordjes die verbieden om te zwemmen én een naderende storm. Plan Zwembroek: afgevoerd.

We trekken terug richting centrum, spotten nog enkele zeer beangstigende clowns in het lunapark en besluiten om de trip verder te zetten richting Port Stephens. Die zwembroeken moeten dringend nog eens nat worden – en niet door de aanhoudende regen.

received_10155134155853932IMG_20171103_200624_133IMG_20171103_172805_965