Reizen tijdens Corona

De informatie in deze blogpost dateert van eind augustus 2020 en heeft betrekking op de reisvoorwaarden die op dat moment van toepassing waren. Wil je zelf op reis vertrekken? Check dan zeker de actuele stand van zaken.

En jullie hebben dan beslist om toch nog naar IJsland te gaan?’ – het was één van de meest gestelde vragen vlak voor ons vertrek. Tot onze eigen grote verbazing hebben we inderdaad zelf beslist om onze reis (toch) door te laten gaan.

Waar we in maart dachten dat ‘de problemen’ in september toch opgelost zouden zijn; waar we in mei geloofden dat alles wel geannuleerd zou worden voor ons en waar we in juli nachtmerries hadden van bubbels, rode zones en eeuwigdurende quarantaines… Nooit hadden we gedacht dat de beslissing in onze eigen handen zou liggen. En dat we er toch vollenbak voor zouden gaan.

Pre-registration Form: Twee tests én verplichte quarantaine

Op 19 augustus 2020 verstrengde de IJslandse overheid haar toegangscriteria voor toeristen. Maximaal 72 uur op voorhand moet je een formulier invullen waarin je verklaart geen COVID19 symptomen te ervaren en waarbij je je persoonlijke gegevens én verblijfsgegevens nalaat. Je geeft hier ook aan of je opteert voor 14 dagen quarantaine of voor twee coronatests met daartussen een verkorte quarantaine (5 à 6 dagen). Wanneer je hier al opteert voor die tweede optie dan zijn de tests goedkoper dan als je ter plaatse pas de beslissing neemt.

Wij opteren voor de twee tests en tussentijdse quarantaine. We hebben in totaal drie weken IJsland geboekt, dus twee weken volledig kwijtspelen is voor ons net iets te veel van het goede. We duiden dit al aan in het pre-registration form en betalen hiervoor ISK 9000 per persoon (omgerekend +/- €112 voor ons samen).

We kregen een bevestigingsmail en barcode toegestuurd. Die barcode is essentieel en we moesten deze verschillende keren tonen tijdens onze reis (zowel in de luchthaven van Brussel, als in Frankfurt en Keflavik).

De vlucht

Onze vlucht zou oorspronkelijk verzorgd worden door Icelandair en vertrekken vanuit Zaventem naar Keflavik (IJsland). Twee dagen voor vertrek werden we echter overgeplaatst naar een vlucht vertrekkende vanuit Frankfurt (Duitsland). Daardoor werd onze korte vliegreis serieus verlengd.

We werden ’s ochtends vroeg (+/- 07u45) door een fantastische schoonbroer (en met mondmasker!) naar de luchthaven gebracht. Daar ging de controle heel vlot. Er waren bijzonder weinig reizigers. Alle procedures verliepen zoals gekend. De enige bijzonderheden waren het opnemen van de temperatuur (in een aparte container met warmtecamera’s), het voortdurend dragen van mondmaskers en de aanwezigheid van extra wasbakken en handgels.

Onze vlucht naar Frankfurt zat – tegen onze verwachtingen in – toch voor 75% vol. In Frankfurt aangekomen waren er verschillende terminals dicht. Eén van de drukste luchthavens op het Europese vasteland lag er uitzonderlijk leeg bij – en dat tijdens een vakantieperiode. In Frankfurt werd ook meteen duidelijk waarom we overgeboekt werden: de vlucht naar IJsland was bijzonder leeg. Enkele IJslandse gezinnen die terugkeerden en vijf toeristen vulden de Icelandair vlucht.

Aankomst in de luchthaven (en COVID19-test)

Ook hier een mondmaskerplicht en de langverwachte coronatest. Dit was de eerste horde die we moesten nemen: nog voor het afhalen van de bagage of de grenscontrole werden we naar een grote zaal geleid waar verschillende cabines gebouwd waren. In elke cabine zit een verpleger met medisch materiaal. Hij scant je barcode en voert het onderzoek vervolgens uit.

Er worden twee swipes genomen: één uit de keel en één uit de neus. Beide stalen zijn niet pijnlijk; enkel de staal uit de neus is onaangenaam. De staaf irriteert en kan zorgen voor hoestbuien en je moet er ook van snuiten. Pro tip: snuit dus zeker je neus voor je eraan begint.

Al bij al duurt het onderzoek zo’n twee minuten. Vervolgens ga je door naar de paspoortcontrole en ga je het land binnen.

Quarantaine

Het is de bedoeling dat je na aankomst in de luchthaven onmiddellijk naar de plaats gaat waar je in quarantaine zal gaan zitten. Deze plaats moet aan een hoop vereisten voldoen. Er is een lijst beschikbaar met alle accommodaties die personen in quarantaine mogen en kunnen ontvangen. Het mag dus geen camping, campervan, tent,… zijn. Het moet een vaste verblijfsplaats zijn waar je gescheiden leeft van anderen (en dus eigen sanitair hebt). Je mag niet gaan winkelen en moet er dus voor zorgen dat je leeft op een plaats waar het voedsel tot bij jou kan komen (zonder contact). Daarom besloten we uit de lijst een appartement in Reykjavik te kiezen.

Tijdens de quarantaine zijn er een hoop zaken die je wel en niet mag doen. Deze wijzigen regelmatig, maar op het moment van schrijven waren deze maatregelen van kracht:

  • Enkel telefonisch contact met gezondheidsdiensten
  • Enkel wandelen op niet-toeristische plaatsen, buiten het stadscentrum en ten alle tijden 2 meter afstand bewaren
  • Geen contact met personen die behoren tot een ander huishouden
  • Geen gebruik maken van bussen, enkel privé-vervoer toegestaan (eigen wagen, taxi of huurwagen)
  • Je mag niet met de wagen rijden, behalve om van de luchthaven naar je plaats van quarantaine te gaan (en naar de plaats van je tweede test)
  • Je mag geen toeristische attracties bezoeken
  • Je mag geen restaurants, bars, fitnesscentra, zwembaden, cinema’s, theaters bezoeken
  • Je mag geen supermarkten, apotheken of andere winkels bezoeken
  • Je mag niet naar school of het werk

Testresultaten

De resultaten van je eerste test krijg je binnen de 24u. Wij deden onze test rond 16u00 woensdagnamiddag en hadden diezelfde dag om 22u30 een sms met onze resultaten in (negatief, geen COVID19). Je krijgt de resultaten per sms. Je wordt ook sterk aangemoedigd om de Rakning C-19 app te downloaden, een contact tracing app die voortdurend je locatie bijhoudt. Als je deze app hebt, verschijnt het resultaat ook in deze app.

Na het ontvangen van de testresultaten, krijg je ook een mail met de locatie en het tijdstip van de opvolgtest. Onze opvolgtest vindt plaats 5 dagen na aankomst (dus aankomst op woensdag en tweede test op maandag). Als je na 24u nog geen telefoon hebt gehad na het afnemen van deze 2e test dan wordt je quarantaine opgeheven. Test je positief? Dan word je opgebeld en moet je de instructies van de IJslandse overheid volgen.

Het quarantaine appartement

Het appartement dat we uitkozen ligt vlak naast het centrum van Reykjavik. Daar hebben we momenteel weinig aan, ware het niet dat eten hier makkelijk bezorgd kan worden. We verblijven in één van de Mjölnir Appartments en dat bevalt goed.

  • 2 Slaapkamers
  • Badkamer met douche en wasmachine
  • Grote keuken met oven en vaatwasser (whaaaat?)
  • Grote leefruimte waar we ook makkelijk nog enkele dagen van ‘thuis’ uit konden werken in alle comfort
  • Snellere WiFi dan in België, ik wou dat al mijn Teams-calls zo goed gingen de afgelopen maanden. @Telenet: DOE BETER UW BEST.
  • Enige nadeel: onze bel werkt niet dus we moeten als haviken op uitkijk staan bij leveringen. Nu ja, we hebben toch niets beter te doen.

Boodschappen doen tijdens je quarantaine

Je kan makkelijk boodschappen doen online via aha.is. Dit is een verzamelwebsite waar je zowel boodschappen kan doen als afhaalmaaltijden op kan bestellen. Een soort Delhaize Collect meets Deliveroo.

Het boodschappen doen zelf is niet mega handig. Je kan alleen zoeken op IJslandse zoekwoorden dus Google Translate is je beste vriend. Of je kan zoals ons gewoon door eindeloze lijsten scrollen en op prentjes klikken die je leuk vindt.

Het bezorgen is gratis boven een bepaald bedrag en daar zaten we snel aan. We hebben voor vijf dagen eten besteld en zaten hiermee aan +/- €100. Voor die €100 hebben we minder dan wat we in België voor €100 zouden kopen in de Delhaize. Het leven is hier dus inderdaad duurder dan bij ons. Hou daar zeker rekening mee bij het budgetteren van je reis.

Verder hebben we hier ook al een restaurantmaaltijd laten bezorgen (Indisch: 2 curries, 2 naans en 1 portie samosa). Hiervoor hebben we €63 betaald: beduidend meer dan in België. De supermarkt leverde echter al niet meer en we hadden verdomd honger. Er werden €9 bezorgkosten aangerekend en gelukkig hadden we wel voldoende eten om ook de dag daarna nog middagmaal te hebben.  

Het leveren en bestellen via aha.is verloopt dus erg vlot en is volledig te vertrouwen.

Veilig reizen

Dus ja, we houden ons hier scherp aan alle regels. Geen Belgische foefjes waarbij we regels en wetten proberen te omzeilen. We zitten hier nu, op moment van schrijven, in ons appartement.

We voelen ons hier zeer veilig. De besmettingsgraad in IJsland ligt lager dan het Europese vasteland, momenteel ligt er niemand in het ziekenhuis en onze plannen zijn om een 4×4 campervan te huren en daarmee door de highlands te reizen. In hindsight zou ik deze quarantaine nog altijd verkiezen boven een quarantaine-loze vakantie op het vasteland Europa, waar de zones elke vijf minuten lijken te veranderen. Zodra we de deur van dit quarantaine-appartement achter ons dichttrekken kunnen we, voor het eerst in maanden, zorgeloos het binnenland verkennen.

Reisadvies

Schuldig.

Dat ik dat thuisblijven wel fijn vind.
Dat ik te veel werk.
Dat ik niet graag facetime.
Dat ik geen coronakilo’s krijg.
Dat ik puzzelen dan toch niet leuk vind.

Schuldig.

Dat ik nog gelukkig ben.  
Dat ik te weinig werk.
Dat ik elke dag eindeloos wandel.
Dat ik het kantoor nog niet mis.
Dat ik nog niemand verloor.

Schuldig.

Dat ik nog werk heb.
Dat ik te veel commentaarsecties lees.
Dat ik te veel mondmasker draag.
Dat ik te weinig mondmasker draag.
Dat ik jou niet bel.

Schuldig.

Dat ik angstig ben.
Dat ik het koffiemachine mis waar ik nooit koffie dronk.
Dat ik toch nog op reis wil.
Dat ik die coronakilo’s er dan toch maar bij doe.
Dat ik mezelf verloren ben.  

Schuldig.

Op zoek naar compromis.
A friend to all is a friend to none, klinkt het door mijn oortjes.
Ik zoek mijn geluk in anderen.
Daar ligt het niet.
Ik voel me schuldig dat ik niet aan hun verwachtingen kan voldoen.
Alle verwachtingen conflicteren, ik vind geen compromis.
Ik loop verloren in hun wensen.

Met schuldgevoel het vliegtuig op.
Iedereen heeft plots een mening over alles.  
‘In case of emergency, oxygen masks will drop down in front of you. Please attend to yourself first, then help others’.

Het meest zinnige dat ik het afgelopen jaar heb horen omroepen.

3x Wandelen in de Hoge Venen

Onze vakantie naar Ijsland staat nog altijd op het programma, al werd de trip wel twee dagen langer, gezien een herboeking van het vliegtuig (niet dat we dat erg vinden). We konden echter niet stil blijven zitten.

Daarom trokken we voor het verlengd weekend van onze nationale feestdag naar Luik. Luik zelf hebben we eigenlijk niet echt gezien. We brachten een bezoek aan La Boverie (museum voor moderne kunst), waar er een tentoonstelling over hyperrealisme was (namaakmensen, net echt, maar toch niet niet), aten wat wafels (Luikse) en keken eens naar die beroemde trappen waar iedereen het over heeft als het over Luik gaat (Montagne de Bueren, 374 stuks in totaal). Het was niet meteen heel druk, maar wij wilden toch vooral de streek verkennen, al wandelend.

Ijdele hoop om op een rustige manier te doen wat iedereen doet: Le Ninglinspo is de naam waar iedereen het tegenwoordig over heeft. Het wordt één van de mooiste wandelingen van de Belgische Ardennen genoemd. Het was dan ook duidelijk dat iedereen dit op hetzelfde moment van plan was (vakantieperiode + verlengd weekend, strak plan, Jonas & Anneke). Superdruk en dus net iets te druk naar onze zin. Onze bolide wordt gekeerd en we gaan op zoek naar andere wandelingen. Le Ninglinspo wordt iets voor later, buiten het seizoen, buiten de vakantieperiode.

Welke drie wandelingen hebben we dan wel gemaakt op deze twee dagen?

Rond de Venen” (8,7 km)

Deze wandeling begint bij Signal de Botrange, je weet wel, met 694 meter het hoogste punt van België (al dan niet inclusief die trap die je moet beklimmen).

Het toeristisch centrum was gesloten en gebruikten het café ernaast voor een toiletbezoek (gratis bij een consumptie, twee warme chocomelk aub!). Het is koud en mistig, maar er is toch heel wat volk op de been, al is het wel merkbaar rustiger dan onze poging bij Le Ninglinspo.

De wandeling zelf is een redelijk vlakke wandeling over gemakkelijk terrein (verharde ondergrond, houten paadjes, …). We doen er een kleine twee uur over om rond te geraken. Onze snelheid wordt onderuit gehaald door de vele mooie fotomomenten.

Eindigen doe je aan de trap naar het hoogste punt. Gezien Corona laten we de steile trap met leuning even links van ons liggen.

Waterval van de Bayehon” (12,6 km)

Geen mist hier, maar wel zelf de mist in gegaan. Laatste plek gevonden op de parking bij het pad naar de molen van Bayehon en vol goede moed begonnen aan de wandeling. De wegmarkeringen brachten ons al vrij snel naar de waterval. Even aanschuiven voor de foto en we konden onze tocht voortzetten.

Na nog geen 5 kilometer merkten we echter dat we terug bij de bewoonde wereld aankwamen en zelfs terug op de hoofdweg liepen. Na 5.5 kilometer stonden we terug bij onze wagen. Foutje?

De wegmarkeringen waren niet altijd even duidelijk, opletten dus wanneer je de volledige wandeling wil maken. Op het meest zuidelijke punt van onze wandeling (dat kleine punt daarboven), stond een pijl die niet honderd procent duidelijk was. Wij kozen links, de echte weg liep rechtdoor. Onze wandeling werd meteen een dikke 6 kilometer korter. Bij twijfel dus goed opletten (de kaart even fotograferen of zelf een kaart meenemen) en vermoedelijk gewoon rechtdoor lopen. Bij het checken van Strava bleek dat we niet de enigen waren die de fout maakten. Iedereen die de wandeling die dag geregistreerd had, maakte exact dezelfde fout.

Leuke wandeling, maar we zullen eens moeten terugkeren om de rest van de wandeling te ontdekken. Terrein is hier veel stijgen en dalen. Goed schoeisel is nodig bij slecht weer (je wandelt veel door bossen op modderige grond).

“Een andere wereld” Ternell (19,7 km)

In het uiteinde van België, even voorbij Eupen, ligt Haus Ternell, vanwaar een heel aantal wandelingen in de Hoge Venen vertrekken. Wij kozen voor een klepper (toch naar onze normen) van bijna 20 kilometer, volgens de borden zelfs 21. Het eindresultaat? 18 en een beetje. Mea Culpa, ook hier zijn de bordjes niet overal even goed (velen zijn hun kleur volledig kwijt en het was een beetje giswerk). We snijden ook hier een stuk van de wandeling af.

Bij Haus Ternell kan je nog wat eten en onderweg zijn nog een aantal plekken waar je een (korte) pitstop kan maken.

Ook deze wandeling is een absolute aanrader. Niet te druk, mooie rustige omgeving en een uitdaging voor de wandelbenen die toch vooral Mechelen en omgeving gewoon zijn.

Wel even opletten bij het oversteken van de drukke straten (geldt voor alle wandelingen. Snelheid werd niet meteen aangepast.

Vluggertje Normandië in de Zomer.

Wij mogen ons kot niet uit, dus even een terugblik naar vorig jaar. Vorige zomer werden we uitgenodigd voor een huwelijk in Niort in Frankrijk. Omdat dit nogal een stevig tripje met de auto is (wij zijn niet veel gewoon hé), besloten we er nog enkele dagen aan vast te breien in Normandië.

Op het programma: Caen, de befaamde stranden (Omaha Beach, …), Mont-Saint-Michel en Niort.

Eerst op de planning? Caen!

Het Caen Memorial is een uit de kluiten gewassen museum over de tweede wereldoorlog en kon niet ontbreken in het schema. We bezochten het museum op een vrije dag (verlengd weekend) en het was duidelijk dat nog wel meer mensen genoten van diezelfde vrije dag. Een enorme drukte in de eerste stukken van het museum vergalden het bezoek een beetje. Gelukkig werd het iets rustiger naarmate we vorderden en de hordes bustoeristen stukken begonnen over te slaan. Het memorial is een plek waar je urenlang in kan rondlopen en uiteindelijk wel best de moeite is (Ga eventueel op zoek naar kortingsbons, te vinden in de vele promoboekjes die Caen rijk is).

We hebben er ook getracht om lekker te eten, maar hebben het bij ‘gewoon eten’ gehouden. Er is een volwaardig restaurant in het Museum, maar dit is niet meteen een hoogvlieger.

Doorgereden naar Mont Saint Michel: Het typerende beeld van Normandië, naast dat van de stranden natuurlijk.

De parking van het ‘complex’ is groot genoeg, wat ze je ook wijsmaken. Ze kost tegelijk ook redelijk veel geld. Goed onthouden waar je jezelf geparkeerd hebt is een kleine tip.

3 manieren om na het parkeren tot aan het fameuze dorpje te geraken:

  • Met de bus: gratis opeengepakt zitten. Grote bussen rijden continu heen en weer. Je kan ze niet missen.
  • Met paard en kar: geen idee waarom deze optie bestaat, maar er is dus wel degelijk een optie om betalend en tergend traag te reizen.
  • Eigen vervoer (de fiets) of te voet: het is een uitdaging, want het is toch wel een eindje wandelen vanaf de parking, maar je raakt zo wel aan je 10.000 stappen per dag.

Het stadje zelf kan bij eb en vloed bereikt worden. Er is een perfecte weg tussen het vasetland en het heuveltje op/in het water. Het overgrote deel van de toeristen worden op enkele tientallen meters van de ingang gedropt.

Het stadje zelf kan vergeleken worden met Black Friday in Amerika. Iedereen wil op hetzelfde moment dezelfde richting uit en het is overal aanschuiven tussen ongeduldige mensen. Ongetwijfeld zeer gezellig tijdens het laagseizoen, met de vele winkeltjes en restaurants, nu toch net een beetje te veel van het goede.

Bovenaan het stadje (flink wat trappen, niet buggyvriendelijk) ligt het klooster, dat je uiteraard ook kan bezoeken. Zeker eens een bezoekje waard, maar ook hier is het op de koppen lopen (tickets op voorhand online kopen kan hier wel nuttig zijn, dan steek je de rij wachtenden voor).

Social distancing bestond nog niet:

Pointe Du Hoc

Waar de Mont Saint Michel voldoende parkeerplaats had, blinkt de Pointe Du Hoc uit in het omgekeerde. Ook hier stikt het van de toeristen, maar is de parking extreem klein in vergelijking met het aantal auto’s dat er zich probeert binnen te wurmen. Na twee rondjes voltrekt er zich een mirakel en geraken we toch geparkeerd.

De Pointe Du Hoc werd geacht een haast oninneembare militaire stelling van de Duitse militaire macht te zijn in de tweede wereldoorlog. Gelegen hoog op een klif had niemand verwacht dat de Amerikanen in staat zouden zijn om – mits grote verliezen – het punt te veroveren op de Duitsers. Even stilstaan bij de geschiedenis en toch even onder de indruk zijn.

De site van Omaha Beach & Cemetary had opnieuw een gigantische parking, maar qua toegangswegen ging het toch maar traag. Hier sta je ook weer even stil bij het aantal graven. We zijn net op tijd voor het neerhalen van de vlag. De massa haalt de GSM en fototoestellen boven om het indrukwekkende proces vast te leggen. Onder luid applaus bereikt de vlag de grond.

Niort zelf is een klein stadje waar je eens kan doorkuieren. Enkele restaurantjes, de standaard winkelstraat en een overdekte markt. Zullen we er nog eens passeren? Misschien als we nog eens uitgenodigd worden voor een trouwfeest. Helaas zijn het aantal mensen dat zou willen trouwen in Niort, nu ook wel uitgeput.

En dan nog die hele weg terug. Na een korte nacht en een acceptabel ontbijt, kropen we weer de wagen in voor een zeer lange (en dure) rit richting Mechelen (met kleine omweg naar centrum Brussel, gezien we ook deels taxi speelden). Zeker rekening houden met de vele stukken weg waar je tol dient te betalen. Dat kan allemaal met de kaart, en je bent tussen Mechelen en Niort (heen & terug) al snel 100€ kwijt. Daarnaast was het enorm druk op de baan en onze pitstops waren verre van gezellig (door die drukte, maar een tweetal uur later dan voorzien (het was verdorie al donker).

Op restaurant in Mechelen?

We moeten allemaal braaf blijven binnenzitten en moeten onze wilde reisverhalen dus noodgedwongen even opzij zetten. Stiekem dromen we wel al een heel klein beetje om nog eens op restaurant te gaan. Ja, er is Deliveroo en dergelijke, maar ook dat aanbod is geslonken en eerlijk? Dat is toch ook niet hetzelfde.

Een blog over onze favoriete plekjes in Mechelen dus. Favoriet, of gewoon lekker, want de lijst is lang en dat werkt een beetje contraproductief met de term ‘favoriet’.

In de categorie ‘Aziatisch’:

Bento hebben we nog maar heel recentelijk ontdekt. Is ook niet zo gemakkelijk: er naam/uithangbord zal je niet vinden. Hoe kan je nu geen fan zijn van deze Sushi-trein. In dit sushirestaurant kan je à la carte eten, maar het overgrote deel van de gasten (wij inclusief) gaan voor de à volonté optie. Hier kan je urenlang genieten van diverse soorten sushi, sashimi en geen idee hoe al die andere dingen heten. Wel best reserveren hier, anders is teleurstelling een deel van je avondmaal.

Als je de aangedampte ruiten van de Tangthai ziet terwijl je voorbijloopt, dan weet je dat het weer gezellig vol zit. Een simpel menu (in Nederlands en Engels) aan Thaise specialiteiten en vriendelijke bediening.

In de categorie ‘Lekker vettig’:

Er was zo’n periode waar de burgerrestaurants uit de grond schoten als champignons in vochtige kelders. Beastie Burgers was er niet bij van in het prille begin, maar geniet wel onze absolute voorkeur. Heerlijke burgers (inclusief ‘addictive sauce’) in een leuke setting (denk versterkers, drumstellen en een volledige camper).

Mensen die ons kennen weten al wel langer dat Domino’s pizza onze guilty pleasure is. Ja, ooit hadden we een zogenaamde ‘Gold Card’ van Domino’s die ons 25% korting gaf op alles. Je kent dat wel: extra dingen bestellen omdat er niet geleverd wordt onder een bepaalde prijs. Uiteindelijk pas naar Mechelen verhuisd toen ons beloofd werd dat ze er ook een Domino’s zouden openen. Ons verbruik ligt wat lager nu en onze Gold Card is ondertussen verlopen, maar het blijven nog steeds onze favoriete pizza’s (in de categorie ‘Afhaal/Mechelen).

In de categorie ‘Gewoon lekker’:

In een kleine zijstraat (het is als het waren een rijhuis in een doodlopende straat) kan je restaurant Graspoort terugvinden. Zonder reservatie moet je al veel geluk hebben om hier een tafeltje te kunnen bemachtigen. Terecht ook, deze verfijnde keuken is de moeite om eens te gaan ontdekken.

Cosma is net zoals Graspoort een streling voor de tong. In een mooie setting (bij goed weer ook op het terras), kan je hier genieten van een divers menu (iets minder vegetarische opties hier).

In de categorie ‘Mexicaans’

Voor de fans van Noord-Amerikaans eten, komt er maar één naam naar boven (heeft iemand nog andere tips?): Chili Beans. In een leuk kader, wordt een beperkte, maar overheerlijke kaart geserveerd. Mijn (Jonas) absolute topper is de chili con carne (er is ook een versie voor de vegetariërs onder ons). De portie is groot genoeg om twee mensen te voeden, maar stiekem is deze chili te lekker om zomaar te delen. Reserveren kan hier niet, behalve voor grote groepen.

In de categorie ‘Dessert Heaven’:

Toegegeven, in de recent geopende winkel/bar van Kato Gâteaux hebben we nog geen voet binnengezet. Wat we wel al gedaan hebben, is genoten van de cupcakes, toen nog gewoon thuis afgehaald. Lekkere kunstwerkjes.

In de categorie ‘Ontbijten met Jonas & Anneke’:

Het gebeurt zelden dat we zomaar uit gaan eten zo ’s morgens vroeg, maar voor een ontbijt/brunch bij Foom durven we wel eens een uitzondering te maken. Gezonde en lekkere opties in een rustige, gezellige setting. Men zegge het voort!

Wat ontbreekt er hier in het lijstje? Alle tips welkom!

2020!

2019 was een fantastisch jaar met tripjes naar de Faeroer, Azoren en Portugal, Normandië en Londen. Of 2020 nog beter zal worden? Ongetwijfeld!

Er staan alweer enkele mooie verkenningstochten gepland, waar we uiteraard zeer uitgebreid verslag over zullen uitbrengen.

Naast ons jaarlijks bezoekje aan Londen (Oktober) en onze occasionele wandeling in Oostende voor The Crystal Ship (April), staat het volgende al zeker op onze planning:

  • Jordanië (Februari): Amman naar Aqaba en terug. Duiken, Petra, geschiedenis!
  • Ijsland (September): Reykjavik en de Ring Road. In een 4×4 campervan!
  • Ibiza (Juni, enkel Anneke): Om eens te checken of alle verhalen waar zijn.

Daarnaast was onze typmachine vorige jaar precies toch een beetje defect en zijn enkele blogposts ongeschreven gebleven. Ergens in de komende maanden mag je dus nog zaken verwachten over:

  • Normandië: we gingen naar een trouwfeest in Frankrijk en maakten er een vakantie van. Helaas was dit tijdens een verlengd weekend.
  • Londen: het wordt eens tijd om hier nog iets over te schrijven, met alle ervaringen uit het (recente) verleden, moet dat vermoedelijk ook wel in boekvorm uitgebracht kunnen worden.
  • Mechelen: onze hometown tegenwoordig. Een beetje promotie kan nooit kwaad, meer bepaald over lekkere restaurants en dergelijke. Vooraleer we hier woonden, geloofden we namelijk niet dat hier iets te doen viel.
  • Dubai: een blogpost die letterlijk al bijna 3 jaar stof staat te vergaren. In de tijd van incentivetrips ooit eens een verslag over geschreven, nooit op ‘publiceren’ geklikt. Misschien dit jaar wel?

Onze Instagram wordt krijgt nieuwe updates als we onderweg zijn. Onze Facebookpagina zijn standaard onze blogposts die daar nog eens herpost worden.

Voor onze trips zullen we ook Polarsteps eens uittesten. Dit is een semi-automatische website waar onze reizen getracked zullen worden. Spannend.

Het amusement allemaal! Wij maken er alvast een mooi jaar van.

Citytripje Lissabon.

Onze trip in Portugal stopte niet bij het kleine weekje Azoren: tijd voor Lissabon, de stad van de Azulejos, de tegeltjes met typische print, maar van nog zoveel meer!

Azulejos
Azulejos

Ook hier zochten en vonden we een AirBnB in Bairro Alto, het oude stadsgedeelte van Lissabon. Een eerste tip van de eigenaar: huur géén auto voor vervoer in Lissabon zelf: een voltreffer. Kleine straatjes en veel te druk op de andere straten. Uber doet hier gouden zaken: veel goedkoper dan een gewone taxi en even snel. Misschien wel net dat tikkeltje avontuurlijker, gezien ze op de luchthaven allemaal op de zelfde plaats stoppen en vertrekken en zowat alle toeristen hetzelfde plan hebben. Ons appartement heeft geen airco en ramen moeten dicht wat betreft potentiële diefstal: welkom in de sauna! Gelukkig is er een ventilator. Het is middernacht voorbij, tijd voor een bed.

De komende drie dagen ontbijten we bij Fauna & Flora, de ultieme ontbijtplaats voor de lokale en niet zo lokale hipster vlakbij ons appartementje. Een uitgebreide kaart met pannenkoeken (mijn favoriet!) en boterhammen vol lekkere, gezonde zaken, smoothies en sapjes: lekker! (al was niet alles even vers – zoals bijvoorbeeld de sapjes). Andere winkeltjes in de buurt zijn supergoedkoop in vergelijking met het toeristische centrum. Dat kan wel eens handig blijken met het warme weer: de waterprijzen swingen de pan uit naarmate je dichten bij het centrum komt.

De rage van de steps is hier ook al toegeslagen: Vooral aan het water staat het vol stepjes van allerhande merken. Het fietspad lijkt er wel voor aangelegd. Wij kiezen ervoor om alles te voet, de trein of de bus (je kan dagtickets kopen) te nemen. Een ja, één keer nemen we ook heel decadent de Uber voor een paar kilometer naar de wondere wereld van het Oceanario. (Onderwaterwerelden: we krijgen er nooit genoeg van).

Elke stad die zichzelf een beetje respecteert, heeft z’n eigen foodmarket, zo ook Lissabon: de Time Out Market. Een grote hal met tientallen standjes met letterlijk alle soort eten. Van simpele snacks tot uitgebreide maaltijden. Dit alles in een modern kader, met voldoende zitplaats. En voor de mensen met kleine blaas: hier kan je een gratis toilet scoren.

Praca Do Comercio met z’n Arco do Triunfo is waarschijnlijk zowat het bekendste plein van de stad, maar de rest van Alfama is ook zwaar de moeite. In Alfama rijdt de befaamde Tram 28. Dit is een tram gelijk een ander, ziet er wel een beetje anders uit (ouder, authentieker), maar heeft vooral het nummer 28 op zich geplakt gekregen. Blijkbaar voldoende om heel de dag door stampvol te zitten. Wij laten hem keer op keer passeren, maar niet zonder er een aantal foto’s van te nemen: we blijven toeristen en de straten zijn hier zo fotogeniek. 

Tram 28
Alfama

De straten gaan steil omhoog en leiden naar het Castelo de São Jorge, het kasteel op de heuvel met een zeer mooi uitzicht over de hele stad. Leuk extraatje (wij zijn fotografiestudenten!) is de camera obscura die heel de stad in beeld brengt. Wel even opletten, want er zijn sessies elke twintig minuten in het Spaans, Portugees en het Engels en de plaatsen zijn beperkt. Wij zaten uiteraard in de Spaanse (geen zin om nog eens 20 minuten extra te wachten!), maar konden al bij al nog wel volgen.

Volgende stop: Belem! Een wijk die elke toerist in Lissabon moet afvinken:

  • Vinkje 1: Padrao dos Descobrimentos: Een monument met beelden van alle mensen die Portugal de laatste paar honderd jaar groot gemaakt hebben. Je kan er niet naast kijken als je uit de trein stapt. Dit was dan ook onze eerste stop.
  • Vinkje 2: Santa Maria de Belem: De bekende toren, die veel kleiner uitvalt dan wat we verwacht hadden. Twee keer zijn we langsgeweest, de eerste keer was er een festival aan de gang, de tweede keer was dit gelukkig opgeruimd en konden we daadwerkelijk tot bij de toren. 
  • Vinkje 3: Mosteiro dos Jeronimos: Het klooster dat je gezien moet hebben. Bij ons bleef het bij de buitenkant. De ene keer was het gesloten, de andere keer was de rij net wat te lang. De buitenkant was zeker de moeite en de reviews op TripAdvisor deden ons sowieso wat twijfelen.
  • Vinkje 4: Pastéis de Belém: Voor de echte moet je bij de Confeitaria de Belém zijn. Op het internet las ik ergens dat ze daar op topmomenten tot 20.000 pastéis per dag verkopen. Het is artisanaal bandwerk. In meerdere rijen staan mensen tot op straat aan te schuiven voor de Portugese lekkernij. Liefst zo snel mogelijk op te eten (lekker vers en nog een beetje warm), een heerlijkheid!
  • Extra Vinkje: Het Berardo Museum of Modern and Contemporary Arts: een klein (je bent snel rond) museum met hedendaagse kunst. Op zich vonden we het niet meteen spectaculair, maar de kaartjes waren gratis op zaterdag, dus mooi meegenomen.
Padrao dos Descobrime
Santa Maria de Belem
Berardo Museum of Modern and Contemporary Arts

Een laatste aanrader hoor ik je zeggen? Voor mensen die van Streetart houden? Lissabon staat/hangt vol Streetart. Je kan er haast niet naastkijken. We vonden een aantal wandelingen terug, maar uiteindelijk hielden we het bij ‘rondwandelen’ en een bezoekje aan de Underdogs Gallery (kunst aan de muur, bij ons bezoekje helaas wel net enkel de winkelruimte open wegen het installeren van een nieuwe tentoonstelling).

Het verdict: In Lissabon kan je gemakkelijk 3 à 4 dagen rondlopen (en dan heb je Syntra nog niet gedaan) en samen met de massa’s toeristen genieten van de pracht en praal. Ideale citytrip. Veel te lang uitgesteld.

Een weekje Sao Miguel (Azoren, Portugal)

De Azoren zijn een spreekwoordelijke scheet groot, maar hebben een rijke geschiedenis en je bent er toch een tijdje zoet mee. Onze trip liet ons helaas enkel toe Sao Miguel (het meest bezochte eiland) gedurende een kleine week te bezoeken. In de staan de andere eilanden zeker nog eens op het programma. Nu voelt het toch of we daar toch wat gemist hebben.

De weg naar Ponta Delgada (grootste stad van het eiland) was lang en vervelend. Om één of andere duistere reden konden we ons vliegtuig niet op en moesten we overgeboekt worden naar een andere vlucht (Lissabon in plaats van Porto). Onze nieuwe vlucht naar Ponta Delgada stond helaas pas laat op de avond gepland (in plaats van de vroege namiddag), en dus kwamen we pas 9 uur later op onze bestemming aan. Gelukkig konden we onze rental car nog ophalen en Ricardo, onze host van de AirBnB die we gevonden haddden, lachte ook nog, al was het iets groener dan normaal. 

Ons hoofddoel op het eiland was naast  enkele mooie wandelingen maken ook onze duikkunsten opfrissen. Het was nu reeds anderhalf jaar geleden (laatste keer in Taiwan tijdens onze 6 maanden durende trip), maar we hadden er zin in en dus boekten we op voorhand 6 duiken, Eén duik extra: een opfrissingsduik (ondiep water, enkele oefeningen, basistechnieken, …) om toch wel zeker te zijn dat we niet onmiddellijk zouden verzuipen. We deden dit via Best Spot Azores, één van de vele duikorganisaties in Ponta Delgada. Zij kwamen er als beste uit op Tripadvisor en de ratings waren zeker correct (zowel de duiken als de instructeurs). 

We zijn alweer wat mooie ervaringen rijker (geen foto’s deze keer helaas): het onderwaterleven is enorm boeiend. Bij één van onze duiken gingen we zelfs op zoek naar een gezonken oorlogsschip (bijnaam “Dori”), weer iets om van onze bucket list te schrappen. Wegens problemen aan het oor, kon Anneke helaas de laatste duik niet meemaken. Ik ademde terwijl duidelijk voor twee, want zonder mijn divebuddy Anneke, bleek ik extra veel en onrustig te ademen. Gelukkig zijn er altijd bekwame instructeurs in de buurt die nog wel wat extra perslucht overhebben. 

Duiken: we kunnen het iedereen aanraden! (enkel de droge lucht en het hongergevoel achteraf – dat dan weer door die uitdroging komt – moet ik nog steeds gewoon aan worden). Niet twijfelen.

Tijdens ons tripje op het eiland leerden we alvast ook een aantal Portugese woorden kennen. Eén daarvan was alvast: Miradouro ofte uitzichtspunt. Het eiland lag er vol van. Stuk voor stuk waren het (de meeste dan toch) mooie uitzichten over meren, heuvels, de zee of kleine dorpjes. Meer dan een auto en een GPS heb je niet nodig. Het eiland is klein genoeg om deze uitzichtpunten (of toch een selectie ervan) op één dag te doen. Onze toppers: Vista do Rei, Lagoa do Fogo, Pico do Ferro en Grota do Inferno (het meest Instagram-waardige plekje). De meeste van deze punten zijn te bereiken na een korte wandeling (de wegen er naartoe zijn helaas niet altijd even sexy).

Google bezorgde ons dit overzicht. Ben je wel even zoet mee!

Enkele andere zaken die ons zullen bijblijven:

Wandelingen en dorpjes:

De wandeling van Vista do Rei naar Sete Cidades (en terug). Het Vista Do Rei (uitzichtpunt van de koning), moet zowat het drukste punt van het eiland zijn. De eerste keer dat we hier met de wagen passeerden was het mistig en konden we geen 20 meter ver kijken. De tweede keer was het weer zeer helder en waren de uitzichten fenomenaal. Maar wat maakt dit punt nu net zo interessant? Allereerst: er is amper parking, dus op een druk moment moet je je wagen een kleine kilometer verder parkeren (bij ons het geval). Je komt dan op het uitzichtpunt terecht en hebt een fantastisch zicht op de omliggende heuvels, het meer en Sete Cidades, een klein dorpje aan een groot meer. De wandeling zelf loopt helemaal rond het meer en gaat zachtjes naar beneden (helemaal niet moeilijk dus). Tot helemaal op het einde, wanneer iemand ooit beslist heeft een overdreven steile weg naar beneden aan te leggen. Gedurende enkele honderden meters gaat het pad zo steil naar beneden dat we al helemaal ontmoedigd zijn om terug naar boven te gaan.

Beneden kan je wat drinken, maar valt er voor de rest weinig te beleven. De kortere route naar boven is maar half zo lang, maar dus wel heel de tijd klimmen, een uitdaging (de uitzichten zijn ook minder spectaculair, maar daarom is dit deel van de wandeling niet minder mooi).

Extra aan het Vista do Rei: Wil je het zicht nog een tikkeltje beter hebben, dan is er nog een andere (tijdelijke oplossing) onder de vorm van het Monte Palace Hotel. Ooit heel even (het werd meteen daarna gesloten) het beste hotel van de Azoren en Portugal, nu een leegstaand hotel. Vanop het dak van dit hotel heb je een nog beter en hoger zicht op de omgeving het Vista do Rei uitzichtpunt. 

Een achtergelaten hotel, helemaal leeg, alles volledig afgesloten, of toch net niet goed genoeg? Hoewel alle ingangen mooi afgesloten waren met hekken en extra muurtjes was het hotel een drukke bedoening. Na wat zoeken vonden we een ingang waar we moeiteloos binnenliepen. We voelden ons echte Urban Explorers, al viel het allemaal nogal mee. Eerlijk gezegd liep het het vol. Tientallen mensen volgen ons voorbeeld (net zoals wij het voorbeeld van anderen volgden). Er liepen wel een aantal ‘agenten/werklieden’ rond, maar die lieten iedereen begaan. Eens de werken echt starten, zal de toegang waarschijnlijk volledig verboden worden. Het hotel zou terug een hotel moeten worden.

Het Lagoa Do Fogo is een tweede mooi meer, met opnieuw een aantal mooie uitzichtpunten. Ook hier is een mooie wandeling aan verbonden, maar we vonden onze goede benen niet en hadden al twee duiken achter de kiezen. We hielden het dus bij een aantal stops.

Ook in de Azoren hebben ze het warm water al uitgevonden. Op verschillende plekken hebben ze zelfs warmwaterbronnen. In Furnas kan je het water zien borrelen (oh, wat ruikt dat toch goed). Voor twee euro per persoon geraak je het domein op (of je nu met de wagen bent of niet, ook wandelaars betalen dit) en kan je een hele dag rondhangen. De restaurants uit de buurt maken hier ook hun lokale stoofpotjes. Grote potten worden onder de grond begraven en worden op natuurlijke wijze opgewarmd.Het meer zelf kan je ook rondwandelen, we zouden onszelf niet zijn, moesten we dat niet eens geprobeerd hebben (Wandeling rond het meer in Furnas). 

Het kleine dorpje Ribeira Grande bezochten we op een speciaal moment. Er ging net een processie ter ere van Jezus losbarsten: heel het dorp was in rep en roer, alle straten waren mooi versierd met bloemblaadjes in alle kleuren die in mooie motiefjes op de grond lagen en de lokale inwoner beschouwde dit duidelijk als een hoogtepunt. Spijtig genoeg waren we net iets te vroeg, maar tegen dat we vertrokken vertrok er al menig vuurwerkpijl de lucht in. Stadje? Klein en leuk. Extra evenementen? Extra leuk (maar vooral speciaal).

Restaurants:

Een mens moet eten en wij gaan toch steeds op zoek naar leuke restaurants die net dat ietsje beter zijn. Tripadvisor is onze beste vriend hier. Wetende dat mensen meestal zeer positief of zeer negatief zijn, moet je dit altijd met een korrel zout nemen. Hier alvast 2 van onze toppers:

Tasquinha Vieira

Een op het eerste zicht heel klein restaurantje dat bij de best gerangschikte restaurants van Ponta Delgada staat. Overheerlijke Portugese keuken in een gezellige setting. Reserveren kan wel noodzakelijk zijn. Het restaurant vult zich elke avond enorm snel. We gingen hier twee keer eten en vonden het twee keer fantastisch.

A Terra Fornara (Furnas Boutique Hotel)

Een restaurant in een groot ‘Boutique Hotel’. Even moeten zoeken, gezien het niet meteen in het centrum van Furnas lag. Zeer gezellige setting weg van de echte drukte van het centrum van Furnas met zijn ‘authentieke’ restaurants. Gevarieerde Portugese keuken, geserveerd binnen of buiten op het overdekte terras.Uiteraard kunnen we het lijstje nog aanvullen met een aantal niet zo fantastische restaurants, maar daar gaan we jullie niet mee vervelen!

Conclusie: Maar één van de eilanden bezoeken was misschien een fout, reden te meer om nog eens terug te gaan. Het leven onder water was de moeite, het weer boven water meestal dik OK. Moet je dit overwegen voor een volgende vakantie? Zeker! (Wandelen, natuur, duiken, …)

De Faeröer – Praktisch!

Een derde en laatste deel in onze Faeröer-saga. We hebben het al over onze wandelingen gehad en onze ‘perfecte’ reisroute uitgestippeld. Nu resten er ons nog wat praktische tips & tricks.

Dorpje

We vlogen met de combinatie KLM (naar Kopenhagen) – Atlantic Airways (de lokale luchtvaartmaatschappij) vanuit Amsterdam, naar Vagar dit in combinatie met een hotelovernachting + parking voor een week in het Marriott Courtyard Amsterdam Airport. Dit alles werd voor ons geregeld door de broer die voor een reisbureau werkt dat connecties legt. Tickets kosten aardig wat, het hotel + parking zijn betrekkelijk goedkoop (Aanrader als je vanuit Amsterdam vertrekt).

We huurden een gezellige kleine AirBnB in Tjornuvik, maanden op voorhand. Gezien elk beschikbaar huisje in elk klein dorpje een AirBnB bleek te zijn, geen rare keuze. Geen eigenaar gezien, maar wel vlot meer dan 100€ per nacht betaald. Alles werd online geregeld en dit ging vlot.

Tjornuvik, ons dorpje.

Verplaatsingen op de eilanden:

Je kan alles met het openbaar vervoer doen (of alles te voet, maar dat is voor echte avonturiers), maar het beste vervoer is toch wel de wagen. Zeggen dat wagens schaars zijn, is overdreven, maar de prijs doet het wel vermoeden. We betalen ons blauw voor de vele kilometers die we afleggen bij de auto die we huren bij Budget (via rentalcars.com), vooral omdat er een limiet van 100 kilometer per dag opgelegd wordt (en we daar vlot 450 kilometer overgaan).

Heel veel toeristen komen met hun eigen mobilhome. Niet altijd even evident op de soms heel smalle wegen, maar dus ook wel een optie.

Naadloos naar het volgende puntje: hoe veilig met de auto rijden in de Faeröer? (filmpje, link klikken!) Over het algemeen zijn de regels hetzelfde, maar je moet rekening houden met mist (lichten van de auto moeten altijd branden!), schapen, lange tunnels en tegenliggers (ook in tunnels). Van zodra je op zoek gaat naar de kleine dorpjes, veranderen de wegen allemaal in éénvaksbanen. Op deze smalle baantjes hebben stijgers altijd voorrang (tenzij het een bus of vrachtwagen is). Elke paar honderd meter zijn er plekken waar je de auto even opzij kan zetten om tegenliggers te laten passeren (deze dienen niet om zelf te parkeren!). Hetzelfde geldt voor tunnels. Iets schrikwekkender, maar alles verloopt steeds gecontroleerd.

Onze bolide.

Kledingvoorschriften:

Op voorhand hadden we ons voldoende ingelezen over een aantal zaken. Zo ook over de kleding die we dienden mee te nemen. Tijdens ons verblijf was de temperatuur steeds tussen de 10°c en de 15°c, niet bijster warm dus (maar normaal voor de Faeröer). We voorzagen ons dus van een aantal extra laagjes, maar we gingen niet zover als sommige andere toeristen (sommigen leken alsof ze naar de Noordpool gingen). Dit bleek voldoende. Houd wel rekening met mist en miezer die alles nat maken in geen tijd. Zolang je goed voorzien bent, is er geen probleem.

Voorschriften gevolgd.

Eten & Drinken :

In de meeste dorpjes die enige grootte hebben, heb je wel een lokale supermarkt. Vele daarvan zijn ook open op zondag. Het grote winkelcentrum waarover je veel leest als je een beetje Googelt (SMS), is dit niet en is eigenlijk ook niet echt de moeite om te bezoeken.

Restaurants zijn een grotere uitdaging. Wij hebben veeleer zelf gekookt om onze maagjes te vullen. In de grotere steden heb je wel een aantal deftige restaurants, in de kleinere is het vaak goed zoeken, of is er wel een lokaal “wafelkraam”. Tjornuvik had een kleine snackbar en het wafelkraam stond voor ons huisje (openingsuren al naargelang het weer en de goesting).

Wat is ons nog opgevallen?

Naast het occasionele wafelkraam hier en daar waren er een aantal zaken die steeds terugkwamen:

  • Het werd daar letterlijk nooit donker (je hebt ‘donker’ en ‘donker, donker’ uiteraard, en ja, de tijd van het jaar had er veel mee te maken.
  • Hoe klein een dorpje ook was, van zodra er meer dan 22 mensen woonde, leek het verplicht te zijn om een voetbalveld te hebben, steeds in uitstekende staat (velen ook met kunstgras).
  • Elk huis, waar er ook kinderen wonen, heeft een trampoline. Elk. Huis. We hebben er maar eentje zien wegwaaien.

Conclusie: 

Het leven is duur in de Faeröer, op zowat alle fronten! De wondermooie natuur krijg je er gratis bij. Een weekje is net lang genoeg om de meest belangrijke punten te bezoeken en het is een aanrader voor iedereen!

Nog meer vragen? Stel ze gerust!

Boottocht: Mist, schapen en rotsen
Seal Woman
Inwoner van de Faeröer
Klein dorpje.

Weekje Faeröer, van dag tot dag.

De Faeröer, van zondag tot zondag. Tijd genoeg om deze eilandengroep te verkennen. Een kort overzicht van hoe onze trip er uit zag en wie weet wel hoe jullie trip er zelf kan gaan uitzien in de toekomst?

Dag 0 (Zaterdag 13 Juli)

Aangezien we vliegen vanuit Amsterdam, rijden we met de wagen tot daar (kunnen onze auto bij het hotel achterlaten). We bezoeken het FOAM (fotografiemuseum) en kuieren rond in de straten. Uiteraard bezoeken we onze twee favoriete restaurantketens: Wagamama en Vapiano. Nog niets veranderd!

Dag 1 (Zondag 14 Juli) 

Na een veel te vroege (perfecte) vlucht, komen we in de vroege namiddag aan in Vagar Airport. Daar halen we de wagen op bij Budget Cars en trekken we naar Torshavn, de grootste stad op de eilandengroep.

We vinden een parkeerplaatsje en kuieren wat rond in het stadje (op zich ook niet eens echt groot). Om de honger te stillen eten we een veel te dure panini + koffie (betalen we al snel meer dan 30€ voor) en gaan we op zoek naar een winkel voor avondeten (we vinden zowaar een winkel die open is op zondag).

We trekken naar ons huisje in Tjornuvik en hebben een kalme namiddag. Meer dan even op het strand gaan wandelen en de twee straten die het dorp rijk is verkennen, zit er niet in. Voor ons huisje staan tientallen mensen wafels te eten, maar wij kunnen ons nog even inhouden.

Dag 2 (Maandag 15 Juli) 

We boekten onszelf een boottocht in Vestmanna, een populaire bezigheid bij toeristen. Deze brengt je langs de kustlijn van het eiland, met imposante kliffen, vogels en schapen. Wij vreesden vooral voor veel mist (zichtbaarheid op de rit naar het vertrek was maar enkele tientallen meters), maar dit viel uiteindelijk nog wel mee.

Voor of na de boottocht kan je eten in het restaurant van het Tourist Center. Geen uitgebreide kaart, geen gastronomische hoogvlieger, maar wel goed om de hongerige magen te spijzen (en weinig alternatieven)

Na de middag staat er nog een korte wandeling in Saksun op het programma. Het dorpje is slechts enkele huizen en een kerk groot. De wandeling is simpel maar mooi.

Dag 3 (Dinsdag 16 Juli) 

We beginnen met een bezoekje aan Gasadalur, een klein dorpje met bijbehorende waterval. Veel meer dan een waterval zien we eigenlijk niet, de mist is net dat ietsje te aanwezig.

3 eeuwen te vroeg komen we aan in Sorvagur, vanwaar we de boot nemen naar Mykines. Even zoeken (staat niet echt overdreven goed aangeduid), maar we mogen mee. De namiddag wordt gevuld met de lange, intensieve wandeling (met duizenden puffins), afgesloten met een drankje in een kelder van een klein cafeetje dat naar natte hond rook.

Mykines

Dag 4 (Woensdag 17 Juli) 

Vandaag rijden we vooral rond, en bezoeken we een aantal kleine dorpjes. Deze hebben allemaal dezelfde eigenschappen: ze zijn klein, zien er allemaal doods uit, maar ze hebben allemaal dat charmante Faeröer gehalte.

  • Fossa Waterval: geen dorpje, maar een grote waterval. Bij regenval zwelt deze enorm aan en wordt deze nog grootser.
  • Oyndarfjodur: onze eerste echte stop, ons eerste mooie uitzicht, onze eerste toiletbreak (alle dorpjes hebben openbare toiletten – win!).
  • Elduvik: Op zoek gegaan naar het cafeetje, niet gevonden. Hier komen we later nog eens terug naartoe gewandeld.
  • Gjogv: regen, het enige restaurant zat vol, diepvriespizza en wafel gegeten in de plaatselijke snackbar (10m² groot).
  • Slaettaratindur (geen stadje, maar een berg met een naam die eindigt op een naam van een dating-app): mist, letterlijk niets te zien.
  • Eidi: de dag begon naar z’n einde te lopen. Hier zijn we gewoon doorgereden.

Vanuit Eidi kan je Tjornuvik quasi zien liggen, maar gelukkig kunnen auto’s nog niet over het water varen en moeten de weg terug volgen, ongeveer 30 kilometer.

Dag 5 (Donderdag 18 Juli) 

Zeer vroeg opstaan om dan als eerste en quasi enige auto te staan wachten op de boot naar Kalsoy. Op het eiland zijn er twee stops: Trollanes en Mikladalur.

Trollanes heeft een wandeling met vuurtoren een kiosk (helemaal uit de richting) en een toilet. De wandeling is super en een absolute aanrader. Ook hier ruiken de toiletten naar natte hond.

In Mikladalur gaan we op zoek naar het bronzen standbeeld van Kopakonan (The Seal Wife). Het verhaal er achter is aandoenlijk (jagen op zeehonden die vrouwen worden en omgekeerd, ontvoeren en aan de ketting leggen om dan toch weer te ontsnappen …). In het kort: boze zeehonden.

We zetten ons in de rij voor de boot terug met nog een zee van tijd op overschot tot deze ons terugbrengt. De boot was overvol, dat was indrukwekkend. Je moet het meegemaakt hebben.

Onze laatste stop is Muli, opnieuw een typisch dorpje. Aantal vaste inwoners: nul. Enkel vakantiehuisjes. De weg er naartoe was een uitdaging (als in de weg was niet van hoogstaande kwaliteit – wat vrij normaal is, als er werkelijk niemand in dat dorpje woont). Een korte wandeling brengt ons naar een waterval. Voldaan keren we terug naar ons huisje.

Dag 6 (Vrijdag 19 Juli)

Vandaag staat de wandeling van Oyndarfjorour – Elduvik op het programma. Beide dorpjes bezochten we al eerder met de auto, maar nu gingen we de verbinding al wandelend maken. In totaal bijna tien kilometer heen en terug, niet al te moeilijk, maar wel enkele pittige steile en gladde stukjes. Voorzie voldoende eten en drinken. Je staat niet op 1, 2, 3 terug bij je wagen.

Een tweede wandeling is net wat pittiger. Het regent en is heel mistig. Toch trachten we de berg te beklimmen op weg naar het dorpje Leynar. We komen nooit aan, het water heeft onze schoenen doorweekt gemaakt en het kabbelende beekje is een stromend riviertje geworden. Geen zin om te gaan zwemmen, dus keren we maar terug. Bergaf gaat altijd sneller.

De schoenen worden voor de verwarming gezet in de hoop dat ze de volgende dag weer droog zullen zijn (dat zijn ze).

Dag 7 (Zaterdag 20 Juli) 

Opnieuw naar Klaksvik, maar nu slapen we wat langer uit. Vanuit de haven vertrekken we op een wandeling naar Klakkur. Deze lange en (zeker) tegen het einde ook vrij intensieve wandeling houdt ons bezig tot in de namiddag. Daarna rijden we nog wat rond, maar de wandeling van bijna 11 kilometer heeft ons wat uitgeput.

We rijden nog wat rond, en rijden dan voor een laatste keer richting Tjurnuvik.

Dag 8 (Zondag 21 Juli) 

Na een fotoshoot van ons huisje voor het nageslacht vertrekken we voor een bezoekje aan het laatste stadje dat op ons programma staat: Kirkjubour.
Enkele huisjes en de oudste kerk op de eilandengroep. Daarnaast ook een Franse fotografieclub die op vogelspotting-tour was.

We leveren de auto terug in bij Budget (gewoon sleutel in de brievenbus steken) en zijn uren te vroeg in de luchthaven. Eén tip: verspil geen geld aan het eten dat ze daar verkopen. Het is het echt niet waard (het eten in de luchthaven van Kopenhagen dan weer wel).

Het busje van het hotel staat ons al quasi op te wachten. In geen tijd staan we terug aan onze auto. Na twee uur rijden staan we weer thuis.

Eind goed, al goed.