Second date with Bali

Liefste Bali,

Ik was hard voor je toen ik je pas leerde kennen. Misschien was het cultuurshock. Misschien was het gewoon de ondraaglijke hitte die je uitstraalt. Of een mix van beide.

Ik ben graag eerlijk met je: ik ben naar een ander eiland geweest. Flores, was zijn naam. Bij mijn eerste blik op het eiland was ik stevig underwhelmed. Er werd overwogen om Indonesië voortijdig te verlaten. Toen werd ik verliefd. Op Komodo.

IMG_20171129_173051_767_1

Eén van de vele eilandjes vlakbij Labuan Bajo

Niet op de komodovaraan. Die varanen liggen in grote getale te chillen bij de keuken van de ‘rangers’. Die rangers blijken gidsen die niet graag gidsen. De varaan – die geen eten krijgt bij de keuken – blijkt een rustige diersoort die zichzelf graag kwelt. Of ze krijgen er toch eten. Kies zelf maar de meest geloofwaardige optie.

IMG_20171129_173217_011_1

Komodovaranen, vlakbij de keuken van de rangers.

Op zo’n dubieuze vorm van massatoerisme kan ik niet verliefd worden. Nee, het was aan het talrijke onderwaterleven dat ik mijn hart verloor.

Daarom, Bali, geef ik jou een tweede kans. Ik ben intussen gewend dat ik permanent nat ben van het zweet. Ik ben intussen gewend dat ik 56 keer gevraagd word om op een motorfiets te stappen. En we spreken één ding af: ik mijd jouw apen. Als toerist moet je je sowieso ethische vragen stellen bij o.a. het Ubud Sacred Monkey Forest. 

Bali, onze tweede date was beter dan de eerste. Het begon met een voorstelling van de Barong en Kris dans. Ditmaal op een minder toeristische plaats en met lokale (Indonesische) toeristen in het publiek. Vreemd soort van humor, Indonesisch, trouwens. De bric-a-brac kostuums van de bijrolspelers waren charmant; de prachtig uitgewerkte kostuums van de hoofdrolspelers onvergetelijk.

IMG_20171202_220237_104

De Barong

IMG_20171202_223007_395

Superveel zin in.

IMG_20171202_223043_652

Typische Balinese dans.

Vervolgens volgden er enkele onvergetelijke tempels. De Elephant Cave (Goa Gajah) heeft een kenmerkende Indiana Jones ingang. Het meest indrukwekkende vond ik echter de mix tussen hindoeistische en boeddhistische elementen. Een prachtig pad leidt naar een boeddhistisch schrijn.

IMG_20171202_223221_922

Goa Gajah

IMG_20171202_223321_761

Pad naar de boeddhistische tempel bij Goa Gajah

IMG_20171202_223346_675

Offers.

Gunung Kawi had mooie – lege – rijstterrassen en ook het tempelcomplex zelf werd niet overrompeld door toeristen. Verfrissend.

IMG_20171202_223625_300

Gunung Kawi.

IMG_20171202_223531_627

Van dichterbij.

IMG_20171202_223849_043

Rijstvelden vlakbij Gunung Kawi.

Even verfrissend: Pura Tirta Empul, de tempel van het heilige water. Op het moment dat wij er waren regende het stevig – wat veel toeristen misschien afschrikte. In het water zagen we hindoes het reinigingsritueel uitvoeren. Een prachtig zicht. Ik moet toegeven, Bali, ik begon je te appreciëren.

IMG_20171202_224148_228

Reinigingsritueel bij de Tempel van het Heilig Water.

IMG_20171202_224019_129

Het water is zodanig diep dat kindjes gedragen moeten worden.

IMG_20171202_224416_903

My kind of fish soup.

Toen maakten we een kapitale fout: de Tegallalang Rice Terraces. Bij aankomst werden we twee keer aangerekend (lees: één keer opgelicht). Vervolgens stonden we op het meest gefotografeerde rijstterras ter wereld (noot: niet wetenschappelijk bevestigd, louter aanvoelen). Er waren 43 Insta-fotoshoots bezig. De rijkste uitslover had z’n drone mee waardoor ik continu dacht dat ‘s werelds grootste wesp in de nabijheid was. Je moest je langs de Insta-shoots een weg naar beneden navigeren.

IMG_20171202_224755_596

Insta-shoot nummer 23.

Ik werd overmoedig. Om de perfecte foto te nemen zou ik drie meter van het pad afwijken. Ook minder toeristen in beeld dan. Minder toeristen, meer rijst én verse bananen in beeld. Missie genoteerd. Intussen ademden twee nieuwe toeristes in m”n nek. Drie stappen van het pad af, gebeurde het.

IMG_20171202_224723_402

Rijst.

Bali, I let my guard down and you took advantage of me. Na drie luttele stappen op het rijstterras voelde ik de zwaartekracht op mij inwerken. Mijn linkerbeen verloor eerst haar stabiliteit en ging met enige vorm van dramatiek de lucht in. De peperdure camera en lens die ik rond mijn nek had hangen moest gered worden van het spektakel dat zich aan het afspelen was. Met een vreemd soort spagaat probeerde mijn rechterbeen de situatie recht te trekken. Tot mijn grote horror zag ik het rechterbeen 30 centimeter diep in modder zakken tot enig teken van schoen/voet/onderbeen volledig verdwenen was. In ‘s werelds meest bevreemdende houding lag ik verzonken in de modder op het meest toeristische rijstterras ter wereld.

IMG_20171202_224615_129

‘s Werelds bekendste rijstveld. Ongeveer ter hoogte van het hutje in het midden van de foto oefende ik mijn manoeuvre uit.

De twee toeristes die achter me liepen, maakten supersnel rechtsomkeer en deden alsof ze niets gezien hadden. Toch een beetje waardigheid dat me gegund was. Ik krabbelde recht, verzekerde Jonas dat het fototoestel in orde was – ik ken zijn prioriteiten. Vervolgens ging ik – intussen lokaal bekend als het moddermonster – op zoek naar een stroompje om mij af te spoelen. Zo verbleef ik een halfuur op ‘s werelds beruchtste rijstterras. Tien minuten Insta-shoots omzeilen, 1 minuut fotograferen, 19 minuten mezelf presentabel maken.

Sindsdien leef ik in voortdurende angst. Angst dat die mottige drone mijn niet zo gracieuze val geregistreerd heeft en dat ik binnenkort op een lokale luchthaven herkend zal worden als YouTube fenomeen.

Dus Bali, yet again I think we should see other islands.

IMG_20171202_224904_871
Beeltenis van mijn gelaatsuitdrukking toen ik in de modder lag.

De vulkaan en de gevolgen

Spoiler: Wij zitten op het moment van schrijven niet op Bali en dus ver weg van de rook en lava spuwende vulkaan. Het houdt ons echter wel een beetje tegen … maar #wearesafe enzo.

Het einde van onze duikcursus naderde en de berichten werden steeds minder rooskleurig. De Agung vulkaan in het noorden van Bali begon steeds meer en meer rook te spuwen. Mensen in de buurt werden geëvacueerd (velen wilden blijkbaar niet) en meer en meer berichten bereikten ons dat luchthavens wel eens gesloten konden worden.

Gelukkig zaten we nog niet meteen onder tijdsdruk. Het andere Amerikaanse koppel dat ook naarstig op zoek was naar een duikbrevet stond al wat meer onder stress, zij moesten maandag al terug aan de slag. Het was nu dinsdag en de vulkaan was nog niet eens uitgebarsten.

Ondertussen hadden we ook contact met de homestay in Denpasar. Pittig detail: om ons een beetje moeite te besparen, hadden we daar de helft van onze baggage achtergelaten. Dit zorgde ervoor dat onze volgende bestemming sowieso Denpasar diende te zijn. Alles bleek onder controle in Denpasar. De eigenaar maakte zich blijkbaar weinig zorgen (terwijl wij meer en meer berichten lazen over aswolken die over Denpasar passeerden). Fingers crossed, maar het mocht niet baten, op de dag van ons vertrek werd aangekondigd dat de luchthaven voor nog minstens 24 uur gesloten zou blijven. Onze vlucht werd gecancelled.

Maar opnieuw: wij hadden tijd. Vol goede moed trokken we naar de luchthaven. Te voet, ja, zo groot is Labuan Bajo. Even terzijde: het is al verdomd warm om half 9 in de ochtend als we te voet de ‘berg’ op klimmen.

De luchthaven stond gelijk aan een wreedzame chaos. We kwamen onze Amerikaanse duikvrienden opnieuw tegen die steeds groener lachten. De rijen bij Wings Air, onze luchtvaartmaatschappij, waren lang en leken niet vooruit te gaan. Gelukkig voor de Indonesiërs kunnen ze dan wel nog hun sigaretje opsteken om te ontstressen. Binnen. In de ‘Customer Service’ hal.

In de rij is er veel tijd om na te denken. Wat zijn de opties?

  • Een refund vragen: slecht idee, als je dan opnieuw een vlucht wil boeken, betaal je plots veel meer. Wings Air, net zoals alle andere maatschappijen strooiden kwistig met geld, maar dat leek ons absoluut geen goede oplossing.
  • De vlucht herboeken en hopen: de optie die wij kozen. We herboekten onze vlucht naar twee dagen later (vrijdag) en hoopten simpelweg dat hij zou vertrekken. Indien niet, dan stonden we gewoon weer bij de luchthaven en dan zouden we waarschijnlijk – en helaas – voor optie 3, 4 of 5 moeten kiezen.
  • De heel trage ferry nemen: Toegegeven, we zouden wel wat geld uitsparen, maar minimaal 36 uur doorbrengen op verschillende boten en bussen en bussen op boten, we zouden het niet uithouden. Een Indonesiër gaf ons zelfs de raad deze boot echt pas te nemen als het echt niet anders kon. Hij zou deze boot zelf nooit nemen. Dat zegt al iets.
  • De normaal trage ferry nemen: 2 Keer per maand komt er nog een andere boot langs. Duurder, maar wel direct, zonder al te veel stoppen. Nog steeds 24 uur onderweg. En guess what? Hij passeerde net op donderdag.
  • Een Booze Cruise boot, die per definitie 1 keer per jaar zinkt nemen: Op voorhand in België onderzocht. Gammele zelfgemaakte overjaarse boten vol dronken backpackers. Het is officieel, we voelen ons daar te oud voor en gezien wij Tripadvisor aanbidden, is het ook echt geen aanrader.

Wij kozen dus voor herboeken en horen ondertussen dat de luchthaven toch al terug open zou zijn. Spijtig, maar wij hebben ondertussen opnieuw een fun dive geboekt. Water van om en bij de 29°c en een tiental meter onder het zeeoppervlak schildpadden, manta’s en haaien spotten, daar zeg ik geen neen tegen.

IMG_20171202_192443_107

En joepie: de luchthaven heropent!

First date with Bali

Liefste Bali,

Eerder deze week hadden we ons eerste afspraakje. Ik had torenhoge verwachtingen: magische tempels, prachtige natuur, vriendelijke mensen. Iedereen wil met jou op date, lijkt het, dus ik voelde me uitverkoren om je magie uit de eerste hand waar te nemen.

De date startte met een lekker ontbijt in onze idyllische homestay, geserveerd door onze charmante gastheer. Misschien was Australië verlaten niet zo erg als mijn hartpijn leek te zeggen? Hij had ons nog gewaarschuwd dat zijn huis niet in een toeristische wijk lag: winkels, eetgelegendheden en bezienswaardigheden zouden we er niet vinden – tenzij erg lokaal. Perfect, zo wilden we het.

IMG_20171202_232632_035_1

Lokaal ontbijt bij de Samblung Mas House in Denpasar.

Het was dus misschien wat gemeen van me toen ik je vertelde dat je stonk. Ik begrijp dat dit jou veel pijn deed. Ik had bij een eilandengroep verkeerdelijk een paradijselijk beeld: parelwitte stranden, Indiana Jones tempels… Wat ik alleszins niet verwachtte waren bergen afval langs de weg, in de rivieren, in de beekjes: zowat overal. En dat afval stonk. Het kwam er sneller uit dan ik zelf had verwacht en jij besloot wraak te nemen tijdens onze eerste date.

IMG_20171202_225219_797

Een typische wandeling in Indonesië: de mens maakt haar eigen paradijs stuk

Na 2 kilometer te wandelen langs veel te drukke (en natuurlijk voetpadloze wegen) stond ook ik nat in het zweet. ‘Ik stinken, jij stinken’ – dat moet je gedacht hebben. We waren bij Kuta Beach en de ene straatventer na de andere stond klaar om ons te leren surfen, iets te laten drinken of om iets raar te doen met een pijl en boog. Paradijzen worden doorgaans geserveerd zonder straatventers, maar daar heb jij lak aan.

IMG_20171202_220051_592

Kuta Beach: niet het mooiste strand ter wereld; wel de grappigste beginner-surfers.

Uiteindelijk kozen we een vriendelijke straatventer uit voor een water en een cola, met stoeltjes en parasol. We zagen toeristen het water ingeduwd worden door lokale gidsen. We zagen deze gidsen hun sigaretten doven en begraven op het strand. We zagen bulldozers tonnen afval wegrijden. De mens maakt het paradijs graag kapot, bij voorkeur met plastic en sigaretten.

Ik besloot je nog een kans te geven: een prachtig strand, aan de andere kant van Bali. God, wat was het prachtig. We moesten via een smalle trap naar beneden en kregen dan toegang tot het paradijs. Dat opnieuw vol zat met toeristen, plastic en straatventers. Geld moet overal rollen.

IMG_20171202_225541_402

Op de foto: paradijs. Naast de foto: afval, straatventers en 54 Insta-shoots.

Eens terug boven spotte ik twee schattige aapjes. Makaak-aapjes. Ik was blij dat je onze eerste date terug serieus nam. Erg enthousiast houden we onze afstand en nemen we van ver foto’s. Andere toeristen gaven de aapjes chips. Als ik aan één ding een hekel heb, is het eten geven aan wilde dieren. A fed animal is a dead animal, zeggen ze in Australië.

Toen Jonas naar het toilet ging, liet hij zijn flesje water achter. Oké, het was geen goed idee van mij om een andere man mee te nemen op onze eerste date. Misschien verdiende ik het wel. Maar toch… Hij had zijn rug nog niet gedraaid of je aap greep naar het flesje water. Uit een reflex – en omdat ik de 106454763 regels nog niet kende voor het omgaan met makaken – greep ik ook naar het flesje. Dit amuseerde de andere toeristen: Monkey versus Female Human – Round One.

IMG_20171202_225725_680

Dé aap.

De aap krabde me onmiddellijk, toonde zijn – toegegeven, gigantisch grote – tanden. Ik zag dollartekens voor mijn ogen bij het idee aan de follow-up rabiës-inentingen die ik zou moeten krijgen en liet het flesje onmiddellijk los en maakte me uit de voeten. Na ronde één al onmiddellijk ingemaakt door een dier dat 5x zo klein is. De andere toeristen vonden het aapje zo schattig: ‘Oh look, it can open the bottle‘, gierden ze het uit. Niemand die mij vroeg hoe het met mij ging. Van je eigen soort moet je het hebben.

Alsof de aftocht blazen nog niet gênant genoeg is, moesten we nadien de puinhoop van Meneer Aap nog opruimen ook. Dop en flesje lagen verspreid op het plein. Ik stuurde met ogen vol angst Jonas om het op te rapen en weg te gooien. Van de aap geen spoor.

Dat het mijn eigen schuld was, dacht ik. Ik had maar onmiddellijk het flesje moeten lossen. Dat de apen het door jarenlang toerisme allicht gewend zijn om alles te krijgen dat ze willen. Ik gaf je nog een kans, Bali. Ik wilde zo graag je tempels zien en die beruchte Balinese dansen. Dat we bij die tempel wel moesten opletten voor de brutale apen; dat had ik intussen wel geleerd. We namen geen eten mee, geen drinken, geen losse objecten. De bril van Jonas werd opgeborgen en hij gidste zich blind verder.

Maar wat deed jij, Bali? Jij stuurde je apenleger op me af. Ze trokken aan mijn haar, stalen het rekkertje uit mijn haardos. Ze namen het speelgoedje van een peuter af en dropten het genadeloos in de oceaan. Ze plunderden camera’s en handtassen.

Hierna probeerde je je nog te herpakken – met the Dance Of Fire, enkele prachtige watervallen en tempels – maar de vertrouwensbreuk was te groot.

IMG_20171202_230248_192

Zelfs deze aap is minder beangstigend dan de echte aapjes op Bali.

IMG_20171202_230134_987

De Kecak, waarbij er geen muziek gespeeld wordt. De mannen zorgen voor ritme via klanken die ze uitstoten.

IMG_20171202_230318_563

Kecak wordt hier ook Fire Dance genoemd.

IMG_20171123_203047_717_1

Ulutwatu Temple

IMG_20171202_232436_112_1

Tanah Lot Temple, enkel bereikbaar bij eb.

IMG_20171202_231807_726_1

De traditionele hindu poort stelt twee tegengestelden voor die onderaan telkens met elkaar verbonden zijn. Het herinnert eraan dat goed en kwaad samenhoren.

IMG_20171202_231138_426_1

Jatiluwih Rice Terraces

IMG_20171202_230808_490_1

Sekumpul Waterfall

IMG_20171202_231058_713_1

Sekumpul Waterfall

Dus moet ik je zeggen: Bali, I think we should see other people, uh, islands.

(Noot: Dit stuk werd geschreven op 22 november 2017)