Hiking in de Faeröer!

Begin juli trokken we voor een weekje naar de Faeröer. Gras, schapen, mist en wandelen zouden de codewoorden worden. En ja, ook een huisje met gras op het dak.

Wandelen dus – over de rest later meer ! Laten we eens overlopen waar we ons doorgeploeterd hebben. Zes wandelingen en 3 die het (net) niet gehaald hebben (Links klikken voor nerdy statistieken!)

  1. Saksun (4,77 km – 1u 11 min)
Laat het gras maar groeien.

Nadat we het kleine dorpje verkenden, trokken we via een asfaltweg en grindpad richting de zee. Het was onze eerste echte wandeling op de Faeröer en gemakkelijk beginnen leek ons niet verkeerd. Het water leek heel rustig te zijn en vrij laag te staan. De bedding van de rivier was zeer breed. Een local stond te vissen met z’n zoon, geen idee of ze succesvol waren. Wij beschouwen onze eerste wandeling wel zeker als geslaagd!

Saksun
Saksun
  1. Mykinesholmur (5,83 km – 2u 8 min)

Vermoedelijk de bekendste wandeling op de Faeröer. Bekend vooral om z’n vele “puffins”, vogeltjes die hun nesten maken op de wanden van het eiland. Daarnaast – zoals op zovele eilanden, staat hier uiteraard ook een vuurtoren.

Je geraakt op twee manieren op het eiland: per helikopter, of per boot. Wij kozen voor de boot die slechts enkele keren per dag vaart en waar je dus best op voorhand dient te boeken (120 kronen voor een heen/terug-ticket). In de drukke periodes varen er extra boten, en betaal je ook net iets meer helaas (300 kronen – ongeveer 40 Euro – voor een heen/terug).

Er zijn een aantal wandelingen op het eiland, maar zowat iedereen kiest voor de wandeling naar de vuurtoren. Hiervoor dien je op voorhand online nog een ticket kopen (enkel tijdens de zomerperiode).

De wandeling gaat meteen steil naar boven. Gelukkig zit het daar boven vol met de beloofde puffins. Het verdere uitzicht is maar matig (mistig), De grote telelenzen worden bovengehaald en zorgen voor files.

Gelukkig staat er plots (ongeveer halverwege, net voor het punt waar je weer helemaal naar beneden moet klungelen) een ticketcontrole. Iedereen die tijdens de zomerperiode aan deze wandeling moet beginnen, moet online een ticket kopen (100 kronen). Sneu voor de mensen die dit vergeten waren, al hebben we wel niemand zien tegenhouden.

De weg naar beneden is een beproeving. Het weer van de afgelopen dagen (altijd?) had het pad zeer glad en glibberig gemaakt en het ging dan nog eens zeer steil naar beneden. Er geldt een verbod om te blijven stilstaan om foto’s te nemen. Begrijpelijk. Mensen vallen omver als ze hun focus verkeerd leggen (letterlijk).

Dan loop je weer helemaal tot beneden, is je volgende opdracht toch wel niet om weer helemaal tot boven te lopen (het laatste stuk naar de vuurtoren). Gelukkig is dit gewoon gras met enkele (vele) goedgeplaatste schapenmijnen.

Het zicht aan de vuurtoren is onbestaande. Na de obligatoire selfie (de vuurtoren is nog net zichtbaar) trekken we terug naar ons beginpunt. Het is verbazend hoe snel dit gaat (inclusief één keer spectaculair uitschuiven). We hebben dan ook nog een zee van tijd over en drinken nog iets in het enige cafeetje dat het dorp rijk is.

De zee is zeer wild bij onze terugvaart. Er komt zelfs een beetje zeeziekte bij kijken!

  1. Trollanes (Kalsoy) (3,68 km – 2u 34 minuten)

“Er is een wandeling naar een vuurtoren, maar daarvoor moeten we wel om 4u opstaan”. Ik was een beetje weigerachtig. We zijn al zoveel vroeg opgestaan voor die ‘perfecte zonsopgang’. Dit had echter niets met een zonsopgang te maken (om 4 uur ben je al drie eeuwen te laat), maar met een beperkte beschikbaarheid.

Voor deze wandeling op het eiland Kalsoy dienen we een boot te nemen en de plaatsen op deze boot zijn nogal schaars (tijdstabel boot). De verslagen die we vonden op het internet zeiden vrijwel allemaal dat haast en spoed hier kon helpen. Er pasten slechts 17 auto’s op de boot. Geen extra boten hier. We mikten om de boot van 6.40 om desnoods pas de boot van 8.00 te halen. Alle verhalen van mensen die de boot misten en zich dan urenlang moesten vervelen, die wilden we voor zijn!

Goed. Dat is dan een uur rijden, je bent dan 40 minuten te vroeg bij de boot, sta je daar … alleen. Helemaal alleen in rij nummer 2. Rij nummer 1 is voor locals en was ook nog helemaal leeg. Al die haast en spoed was dus misschien net dat tikkeltje overdreven? De boot vertrekt uiteindelijk met 4 auto’s (2 locals, 2 toeristen). Niet getreurd, plek genoeg voor ons op de parking (“ER IS MAAR PARKING VOOR 8 AUTO’s) en niet te veel volk in “DE VERSCHRIKKELIJK ANGSTAANJAGENDE TUNNELS”.

Goed. 1 auto op de parking: de onze. En die tunnels, dat was ook serieus overdreven. De Faeröer hebben dit allemaal zeer goed georganiseerd (De tunnels in Taiwan waren van een ander niveau). We beginnen helemaal alleen aan de wandeling. Het is mooi weer en de uitzichten zijn zelfs beneden al de moeite.

Via het ochtend-, middag- en avondmaal (voor de schapen dan toch) trekken we helemaal tot boven. Enkele stukken zijn nog lekker klad, maar we weten ons nog recht te houden. Af en toe kijken we eens achterom, maar we blijven nog steeds helemaal alleen. De berg is van ons!

Bovenaan, bij de vuurtoren hebben we het zicht dat we wilden: geen wolkje te bespeuren en zalig mooie vergezichten. Nog steeds geen andere wandelaars te bekennen.

Er is nog een optie om via twee smalle paadjes verder te gaan, maar die zien er wel echt heel smal, steil en glad uit. We houden het voor bekeken en vatten onze terugweg aan. Halverwege komen we dan eindelijk wat levende zielen tegen. Tegen het einde ben ik zo onder de indruk van het aantal toeristen dat ik me verstap, een mooie wenteling maak, tevergeefs grabbel naar iets dat er niet is en het fototoestel half in de modder plant. Gelukkig zijn er overal toiletten en kunnen we de schade beperken. Het fototoestel overleeft het.

Op Kalsoy kan je in het dorpje Mikladalur ook nog een wandeling maken naar het standbeeld van Kopakonan (Seal Woman), maar die is vooral heel steil naar beneden en niet erg lang. Het beeld is het bezoekje waard.

Varia: voor de rest is er eigenlijk niet echt wat te doen op het eiland. We komen een dikke twee uur te vroeg aan bij het kleine haventje. Eens de boot er is zien we wel wat ze bedoelen met de kunst van het ’17 auto’s op een auto krijgen’. Links, rechts, vooraan en achteraan slechts een aantal centimeter op overschot. Uitstappen zit er niet meer in.

Topwandeling, aanrader!

  1. Oyndarfjordur – Elduvik (9,86 km – 3u 56 min)

Een wandeling tussen twee dorpjes met onuitspreekbare namen (die tweede valt nog wel mee, dat geef ik toe). De zichtbaarheid is beperkt, het gras is nat en de schapen hebben goed hun werk gedaan. Wij naar boven!

Na een stevig klimmetje met een aantal poortjes die de schapen bij hun correcte eigenaar moeten houden, komen we bij een tamelijk plat stuk. Daar geraken we dus snel voorbij. Daarna begint het meer spannende stuk. We lopen langs de bergwand op een smal stukje waar het gras volledig kapotgelopen is. Er lijkt geen einde aan te komen, temeer omdat de zichtbaarheid nog steeds minimaal is. Een keertje te ver stappen en je houdt er een groene en/of bruine broek aan over.

We waren het al even vergeten, maar we hadden Elduvik al eerder kort bezocht. Een klein dorpje, waar niemand thuis lijkt te zijn en we voor de tweede keer quasi alleen rondlopen. Ook hier is een toilet naast het informatiebord (superhandig hier).

Na ons middagmaal (broodjes), trekken we nog even naar het water, de plek waar de boten (of eerder bootjes?) arriveren, een serieuze bergaf, helaas gevolgd door een serieuze bergop.

De terugweg is altijd sneller dan de heenweg en dat is deze keer niet anders. Net voor ons lopen twee Amerikaanse vrouwen. Ze houden er een stevige tred op na, maar sportief als we zijn, kunnen we hen toch bijhouden. Wanneer ze even stoppen, worden we aangesproken met de simpele vraag: “Waar gaat deze wandeling naartoe?”. Blijkbaar waren ze aan de wandeling begonnen zonder echt goed te weten waar ze naartoe liep. Daarenboven waren ze niet gekleed op slecht weer en hadden ze niets van drank of eten mee voor de wandeling die al snel 8 kilometer was heen en terug en meer dan 500 hoogtemeters kende. Ze vielen dus een beetje uit de lucht toen we hen droogweg konden vertellen dat we al aan onze terugweg bezig waren. Na een bedankje voor de info, liepen we weer verder en hebben we hen eigenlijk nooit meer teruggezien … We hebben ons nog dagen afgevraagd of ze het nu gehaald hebben of niet?

Bijna 10 kilometer later staan we terug aan onze auto, moe maar voldaan. We krijgen nog even gezelschap van een loslopende hond en rijden dan door naar onze volgende wandeling.

  1. Kollfjardardalur – Leynar (6,55 km – 2u 4 minuten)

Twee wandelingen op één dag, waarom ook niet (het was nog klaar buiten, echt de moeite niet om al naar huis te gaan). Het miezerde en we wisten niet goed waar te beginnen, maar uiteindelijk moeten we onze GPS geloven. De wandeling begint aan Kollafjorour bij de plaatselijke dienst voor landbouw (Straat: Frammi i Dal). Het was absoluut niet duidelijk waar de wandeling begon, maar gelukkig waren er enkele landgenoten die ons op het kaartje wezen dat op de deur van één van de gebouwen hing. Echt veel duidelijker was het nog niet, gezien onze omweg (zie link), maar de wandeling was vrij heftig. Een driehonderdtal hoogtemeters op ongeveer 3 kilometer. Nergens echt een pad te bekennen, we moesten ons focussen op hopen stenen om de weg te vinden. Onze schoenen werden al aardig nat, het zicht was nihil, maar we gaven niet op.

Opnieuw viel op dat de Faeröer het zo niet hadden met het correct weergeven van afstanden. Op papier was deze wandeling veel korter. Alles is steeds een beetje onderschat.

Op het tweede stuk van de wandeling was de weg duidelijker aangegeven en minder steil. We begonnen echter te twijfelen of we het einde wel zouden halen. Die schoenen werden nu wel heel nat. Toch besloten we nog even door te zetten. We kwamen aan bij een klein meertje met in de achtergrond een heuveltje met de mooie naam: Satan. We hadden het moeten weten.

We zijn nog een klein half uurtje doorgestapt, maar Leynar kwam maar niet dichterbij. Uiteindelijk kwamen we tot bij een riviertje waar het water zo hoog stond dat het quasi onmogelijk was om er heelhuids en semi-droog over te geraken. Toch maar terugkeren dan.

Aan een sneltreintempo lopen we de berg af. Onderweg spelen we onze rugzakhoes (tegen de regen) kwijt zonder het op te merken. Letterlijk één keer dienst gedaan. Spijtig!

Terug aan de auto zijn we doorweekt, gelukkig is het lekker warm in ons huisje en doet de airco wonderen om onze schoenen terug droog te krijgen. Speciale wandeling, maar wel de moeite.

  1. Klaksvik – Klakkur (10,75 km – 4u 4 minuten)

Een laatste volle dag op de eilandengroep en tijd voor een laatste wandeling. We trekken opnieuw naar Klasvik en parkeren ons bij de plaatselijke supermarkt (wat de wandeling wel wat langer maakt).

Deze wandeling zal ons naar de top van de Klakkur brengen, vanwaar we een mooi 360° zicht zouden moeten hebben. Je kiest zelf hoe lang je de wandeling maakt.

  1. Parkeren aan de FK supermarkt: Dit deden wij, reken ongeveer een extra kilometer.
  2. Parkeren aan de Kerk: het startpunt ‘volgens de boekjes’
  3. Parkeren helemaal bovenaan aan het einde van het grindpad: voor mensen met beperkte conditie, met een hoop kinderen, of mensen die het gezien willen hebben zonder al te veel moeite (al gaat het nog wel aardig omhoog). Wandeling is heen en terug nog een drietal kilometer.

De langste versie (nummer 1) brengt je al zigzaggend naar boven. We wandelen door de straten van Klaksvik waar duidelijk blijkt dat hier wel wat geld vertegenwoordig zit. Er worden mooie huizen gebouwd. Nog opvallend (en dat geldt voor heel de Faeröer): Overal zijn voetbalvelden en trampolines.

Waar het eerste deel gewoon gezapig omhoog gaat, gaat in deel twee het percentage omhoog. De asfaltweg gaat over in een grindweg. We krijgen er wel een mooi zicht op Klaksvik voor terug.

Je komt terecht op parking (Optie nummer 3 start hier), waarna de grindweg stopt en overgaat in een modderpaadje, plassen en hier en daar een trapconstructie opgevuld met kiezelsteentjes. Er lijkt geen einde te komen aan de weg naar boven en met dat stijgingspercentage (de laatste 500 meter stijgen we er nog 110), komt de vermoeidheid snel opzetten. We blijven steeds waakzaam: geen zin om enkele tientallen meter door het gras te rollen (ook al zijn hier slechts een zeer beperkt aantal schapen).

Het zicht is prachtig, en 360° zoals beloofd inclusief een mooi zicht op Klasksvik en het eiland Kalsoy. Een ideale plek om ons middagmaal te verorberen. Halverwege dat middagmaal slaat het weer om en verschijnen er grote wolken. Het zicht verdwijnt volledig en het begint te druppelen. De mensen die nu pas naar boven komen zijn er aan voor de moeite of zullen wat geduld moeten uitoefenen.

We wagen ons aan de weg terug (gelukkig niet al rollend) en staan vrij snel terug op de grindweg. Eens we terug in Klaksvik zijn, nemen we een aantal shortcuts (leve de gps op de gsm) en snijden we enkele honderden meters van de wandeling af.

We belonen onszelf met een donut. De verkoper is blij dat hij z’n Engels nog eens kan testen. Wij zijn blij dat we volledig van ons wisselgeld af zijn.

Hebben het niet gehaald …

Saksun – Tjornuvik

De wandeling tussen deze twee dorpjes, samen vermoedelijk nog geen twintig inwoners groot, stond  in de officiële gids van de Faeröer, maar daar stond ook dat het niet 100% veilig was zonder gids. Gezien de lengte, lieten we deze links liggen (ook al logeerden we in Tjornuvik)

Midvagur- Bosdalafossur

Als je deze wandeling Googelt, dan krijgt je zeer diverse resultaten. Prachtige foto’s en verheerlijkende reviews. Vanaf April 2019 veranderen die reviews echter allemaal in haatboodschappen en wel om deze reden: de eigenaar van het stukje land waarop deze wandeling zich bevindt, vraagt sinds dan de volle 200 Kronen per persoon (26 Euro!) om de wandeling van 45 minuten te mogen maken. Sorry, maar bedankt.

Villingardalsfjall

Heel lang getwijfeld over deze wandeling, gezien deze bij velen op nummer één staat. Daarna vooral naar onszelf gekeken: het was de laatste dag, we waren beide al redelijk moegewandeld van de voorbije week en net bij deze stonden de woorden “Diffucult” en “Slippery”. Wijselijk voor een andere wandeling gekozen (Deze: Klaksvik – Klakkur).

Meer weten over deze wandelingen? Laat een berichtje achter!