37 Omwegen in Myvatn.

Ons bezoek aan Myvatn (vertrekkende vanuit Akureyri) en omgeving kan in het kort ‘chaotisch maar mooi’ genoemd worden. We reden aardig wat heen en weer. Erg praktisch was het niet, die extra kilometers (slechts één uur rijden enkel) naar de camping in de hoop dat ze open zou zijn (dat was ze), een band die beslist had om even professioneel leeg te lopen (gelukkig op die camping) en verdorie, zat het daar even vol met muggen?

Je zou van Akureyri onmiddellijk kunnen doorrijden naar Myvatn, maar mits een goede 4×4 (of goede wandelbenen), is het de moeite om ter hoogte van Godafoss een omweg naar Aldeyjarfoss te maken. Via een gravelbaan (842 of 844 afhankelijk welke kant van het water je kiest) rijdt je tot aan een gesloten poortje (poortje sluiten!). Van daaruit kan je ofwel te voet (best nog wel een eindje) of met de 4×4 verder. Wij vonden het alvast één van de meer indrukwekkende watervallen van IJsland en het was z’n omweg dus meer dan waard.

Myvatn dus! Zoals eerder aangegeven werden we in Myvatn verwelkomd door een horde vliegen. Geen idee van waar ze kwamen of waarom wij zo interessant waren, maar onze eerste stop werd serieus ingekort (mooi uitzicht wel!).

Vindbelgur is met voorsprong de plek die je moet beklimmen voor het beste uitzicht over de hele streek. Er is een kleine parking van waaruit de klim begint. Reken op ongeveer anderhalf uur tot twee uur. Ook hier moesten we helaas rekening houden met hele zwermen vliegen (niet dat zij rekening hielden met ons …), maar het uitzicht bovenaan op de top van de heuvel was top. Een 360° view over de hele omgeving (en geen wolk te bekennen!)

En dan begon dus dat stuk waar we heen en weer begonnen te rijden. Na nog even gestopt te zijn bij Skútustaðagígar (Pseudo-kraters, met alweer die vervelende vliegen), beslisten we om eerst onze slaapplaats voor de avond vast te leggen. Daar kozen we voor Möðrudalur, een kleine nederzetting op een klein uurtje rijden van Myvatn. Het dorpje is de hoogst bewoonde plaats in Ijsland en de camping is volledig gehuld in de sneeuw. Myvatn was nog helemaal groen, maar op een uurtje rijden veranderde het landschap volledig. Het uitzicht van op de camping was fantastisch.

Möðrudalur

Na een snelle hap op de camping boekten we onze tickets voor de Myvatn Nature Baths. De kleinere tegenhanger van de Blue Lagoon is iets kleinschaliger en wat minder luxueus, maar de setting is alvast veel mooier (lijkt ook wat ‘echter’). Ook hier is het aantal bezoekers beperkt, en zitten er vooral locals in het warme water.

De volgende dag begon met een drukprobleem op onze linkerachterband. Jawel, na dagen van “jeetje, staat die band nu niet een beetje plat?”, kwam er een eind aan ons vraagstuk: “ja hij stond plat. Oorzaak? Een vijs die duidelijk al wat kilometers meeging. De Service Desk van de camperverhuur gaf aan dat het best was om de band te vervangen door het reservewiel en een garage op te zoeken. Met mijn twee linkerhanden kreeg ik dat wiel echter niet los en Anneke besloot hulp te gaan zoeken. Ik probeerde mijn cool te bewaren toen ik even later een zware motor hoorde starten en een zwarte pick-up truck onze riching zag komen uitrijden. Lang verhaal kort: dat reservewiel was op 2 seconden los. Bleek dan niet nodig te zijn. Wiek in wiel. Opgelost. Veel tijd bespaard. Eeuwig dankbaar.

En dan twee minuten rijden vooraleer de volgende foutmelding op het dashboard verscheen “drukverlies rechterachterband”. Er zijn geen foto’s van de grimas op mijn gezicht, maar wij dus terug naar Möðrudalur, voor wat extra lucht (en gelukkig geen problemen meer gehad).

Tijd om Selfoss, Dettifos en Hafragilsfoss te bezoeken (3 grote watervallen, de grotere van IJsland). Als je nog wat extra tijd hebt, rijdt dan zeker ook tot in Ásbyrgi en geniet onderweg van het Jökulsárgljúfur en Hljóðaklettar nationaal park dat je passeert.

Tot slot voegden we Hverir (geothermische activiteit) en Krafla (een enorme krater in een voor ons besneewd landschap) aan ons ritje toe. Door het hele omrijden skipten we helaas de oostkant van het meer (Dimmuborgir, Hverfjall, Grjótagjá cave), maar al bij al konden we daar nog wel mee leven.

Conclusie: Omgeving: 10 op 10, omstandigheden 5 op tien. Volgende keer iets minder omrijden, hopen op minder autopech en uitzoeken wanneer de vliegen minder actief zijn.